Naar hoofdinhoud
1. De Organisatie doet, na met hen overleg te hebben gepleegd, aan de Regeringen mededeling van het feit van de voltooiing van het Bijzondere Project overeenkomstig de bepalingen van deze Overeenkomst. Op het tijdstip van ontvangst van een zodanige mededeling wordt de Overeenkomst geacht te zijn beëindigd. 2. Indien het uit hoofde van bijzondere omstandigheden noodzakelijk zou blijken de financiële limiet, genoemd in het tweede lid van artikel 3, te verhogen ten einde het Bijzondere Project te voltooien, dient de Organisatie zulks onmiddellijk ter kennis te brengen van de Regeringen, die met elkander overleg moeten plegen om te beslissen of de uitvoering van het Bijzondere Project voortgang kan vinden en zo ja, op welke basis. 3. Deze Overeenkomst dient onverwijld te worden beëindigd indien er geen besluit kan worden genomen met betrekking tot de voortzetting van het Bijzondere Project. In dat geval dient een Protocol ter liquidatie van het Bijzondere Project te worden opgesteld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel