**1.** Elke Staat kan op het tijdstip dat hij deze Overeenkomst zonder voorbehoud van bekrachtiging ondertekent of zijn akte van bekrachtiging of toetreding nederlegt, alsmede op elk later tijdstip door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties gerichte kennisgeving verklaren, dat deze Overeenkomst niet van toepassing is op vervoer binnen al zijn buiten Europa gelegen grondgebieden of één daarvan. Nieuwe Overeenkomstsluitende Partijen die vanaf 30 april 1999 toetreden tot de A.T.P.-Overeenkomst en het eerste lid van dit artikel toepassen, zijn niet gerechtigd om in overeenstemming met de in het tweede lid van artikel 18 bepaalde procedure bezwaar te maken tegen ontwerp-wijzigingen.
Indien deze kennisgeving is gedaan na de inwerkingtreding van de Overeenkomst voor de Staat die deze kennisgeving doet, is de Overeenkomst na verloop van negentig dagen na de datum waarop de Secretaris-Generaal deze kennisgeving heeft ontvangen niet langer van toepassing op vervoer binnen het (de) in deze kennisgeving aangegeven grondgebied(en).
**2.** Een Staat die een verklaring als bedoeld in het eerste lid van dit artikel heeft afgelegd mag op elk later tijdstip door middel van een aan de Secretaris-Generaal gerichte kennisgeving verklaren, dat de Overeenkomst van toepassing is op vervoer binnen een overeenkomstig het eerste lid van dit artikel aangewezen grondgebied en dat de Overeenkomst honderd en tachtig dagen na de datum van ontvangst van deze kennisgeving door de Secretaris-Generaal van toepassing wordt op vervoer binnen genoemd grondgebied.
Hoofdstuk IV
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Overeenkomst inzake het internationale vervoer van aan bederf onderhevige levensmiddelen en het gebruik van speciale vervoermiddelen bij dit vervoer (ATP)· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 30 april 1999