Teneinde bevoorrechtende praktijken te voorkomen en gelijkheid van behandeling te verzekeren wordt overeengekomen dat:
Voorraden motorbrandstof, smeeroliën, reservedelen, normale uitrustingsstukken en proviand welke aan boord zijn van een luchtvaartuig van de aangewezen luchtvaartmaatschappij of -maatschappijen van een Overeenkomstsluitende Partij bij aankomst op het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij vrijgesteld zijn van alle nationale rechten en heffingen, daarbij inbegrepen douanerechten en inspectiekosten, zelfs wanneer deze voorraden door dat luchtvaartuig worden gebruikt tijdens vluchten binnen dat grondgebied, mits de voorschriften van de Overeenkomstsluitende Partij in acht worden genomen. De aldus vrijgestelde goederen worden niet gelost dan met toestemming van de douaneautoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij en, indien zij gelost zijn, blijven zij onder douanetoezicht totdat zij voor gebruik door het betrokken luchtvaartuig benodigd zijn, dan wel totdat zij wederuitgevoerd worden;
Voorraden motorbrandstof, smeeroliën, reservedelen, normale uitrustingsstukken en proviand, ingevoerd in of aan boord genomen van luchtvaartuigen van de ene Overeenkomstsluitende Partij binnen het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij door of ten behoeve van de aangewezen luchtvaartmaatschappij of -maatschappijen van de eerste Overeenkomstsluitende Partij en uitsluitend bestemd voor gebruik bij de exploitatie van een overeengekomen dienst, vrijgesteld zijn van alle nationale rechten en heffingen met inbegrip van douanerechten en inspectiekosten, mits de voorschriften van de Overeenkomstsluitende Partij in acht genomen worden, zelfs indien zodanige voorraden door die luchtvaartuigen worden gebruikt tijdens vluchten binnen dat grondgebied. De aldus ingevoerde goederen blijven onder douanetoezicht totdat zij voor het betrokken gebruik benodigd zijn dan wel totdat zij wederuitgevoerd worden.
Ingevolge artikel 4, eerste lid, van de Overeenkomst van
25 februari 2008 vormen de bepalingen van artikel 4, tweede lid, van
de Overeenkomst van 25 februari 2008 een aanvulling op de
overeenkomstige bepalingen van dit artikel (Trb. 2019/90).
Ingevolge artikel 4, eerste lid, van de Overeenkomst van
25 februari 2008 vormen de bepalingen van artikel 4, tweede lid, van
de Overeenkomst van 25 februari 2008 een aanvulling op de
overeenkomstige bepalingen van dit artikel (Trb. 2019/90).
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van het Hasjemitisch Koninkrijk Jordanië en de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden voor de instelling en het onderhouden van geregelde luchtdiensten tussen en via hun onderscheidene grondgebieden· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 25 juni 1962