**1.** De Bank, haar bezittingen, andere activa, inkomsten en haar werkzaamheden en transacties zijn vrijgesteld van alle belastingen en douanerechten. De Bank is eveneens vrijgesteld van iedere verplichting betreffende de betaling, inhouding of inning van belastingen of heffingen.
**2.** Er wordt geen belasting geheven op of ten aanzien van salarissen en emolumenten betaald door de Bank aan bewindvoerders, plaatsvervangers, leidinggevend of ander hoger personeel van de Bank.
**3.** Er wordt geen belasting geheven van welke aard ook op door de Bank uitgegeven schuldbekentenissen of waardepapieren, met inbegrip van de dividenden en interesten daarvan, onverschillig wie daarvan de houder is:
die een discriminatie inhoudt tegen zulk een schuldbekentenis of waardepapier, uitsluitend omdat deze door de Bank zijn uitgegeven;
indien de plaats waar, of de valuta waarin de papieren zijn uitgegeven of betaalbaar gesteld zijn of betaald zijn, of de plaats waar een kantoor van de Bank is gevestigd of waar zij haar bedrijf uitoefent, de enige rechtsgrond voor een dergelijke belasting zou zijn.
**4.** Er wordt geen belasting van welke aard ook geheven op door de Bank gegarandeerde schuldbekentenissen of waardepapieren met in begrip van de dividenden en interesten daarvan, onverschillig wie daarvan de houder is:
die een discriminatie inhoudt tegen zulk een schuldbekentenis of waardepapier, uitsluitend omdat de Bank daarvoor een garantie heeft gegeven; of
indien de plaats waar een kantoor van de Bank is gevestigd of waar zij haar bedrijf uitoefent, de enige rechtsgrond voor een dergelijke belasting zou zijn.
HOOFDSTUK VII
Artikel 57
Vrijstelling van belasting
Onderdeel van Overeenkomst tot oprichting van de Afrikaanse Ontwikkelingsbank, gedaan te Khartoem op 4 augustus 1963, zoals gewijzigd bij Resolutie 05-79 aangenomen door de Raad van Bestuur op 17 mei 1979· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 28 januari 1983