**(1).** De Regering van de Bondsrepubliek Duitsland verklaart zich bereid gevolg te geven aan verzoeken van de autoriteiten van een der Beneluxlanden om door tussenkomst van de autoriteiten van de Bondsrepubliek Duitsland doortocht te verlenen aan personen die geen onderdaan zijn van Staten die bij deze Overeenkomst Partij zijn, indien het overnemen door het land van bestemming en, voor zover noodzakelijk, de doortocht door andere landen verzekerd is.
**(2).** De doortocht kan geweigerd worden, indien de persoon:
in een ander land van doortocht of in het land van bestemming zou komen bloot te staan aan politieke vervolging, of aan strafvervolging, dan wel hem de tenuitvoerlegging van een strafrechtelijk vonnis te wachten zou staan, of
bij de doortocht door het gebied van de Bondsrepubliek Duitsland aan strafvervolging, dan wel aan de tenuitvoerlegging van een strafrechtelijk vonnis zou zijn blootgesteld.
**(3).** Een doorreisvisum van de Bondsrepubliek Duitsland is niet vereist.
**(4).** Ondanks de verleende vergunning kunnen de met het oog op doortocht overgenomen personen weer aan de autoriteiten van het verzoekende Beneluxland worden overgegeven, indien zich later feiten voordoen of aan het licht komen, die zich tegen deze doortocht verzetten, dan wel indien een ander land de doortocht of het land van bestemming het overnemen van de met het oog op doortocht overgenomen personen weigert.
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland enerzijds en de Regeringen van het Koninkrijk België, het Groothertogdom Luxemburg en het Koninkrijk der Nederlanden anderzijds, inzake het overnemen van personen aan de grens· Migratierecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 1966