Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK B › Titel I

Artikel 4

Artikel 4

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België betreffende de verbinding tussen de Schelde en de Rijn· Ruimtelijke ordening en milieu

Deze tekst geldt sinds 23 april 1965

Voorts worden, afhankelijk van de vordering der werkzaamheden tot afsluiting van de Zeeuwse en de Zuid-Hollandse zeegaten, uiterlijk twee jaar nadat de getijbeweging op de Oosterschelde van geen wezenlijke betekenis meer is geworden, de volgende werken tot uitvoering gebracht: de aanleg van een leidam langs de vaargeul door de Oosterschelde; de verdere verruiming van de Eendracht en het aanbrengen van de definitieve oevervoorzieningen; het treffen van verdere voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding; alle werken en voorzieningen van tijdelijke of blijvende aard, welke noodzakelijk of wenselijk blijken in verband met of als gevolg van de uitvoering van de bovenbedoelde werken ten behoeve van een doelmatig onderhoud en gebruik en van een doelmatige bediening van deze werken, alsmede ter aanpassing van de bestaande toestand aan de nieuwe werken en de nieuwe waterstaatkundige toestand.

Rechtspraak bij dit artikel