**1.** De functionarissen van een van de partijen die, in het kader van een gerechtelijk onderzoek, een persoon observeren die vermoedelijk heeft deelgenomen aan een feit waarop, volgens het recht van de aangezochte partij, een gevangenisstraf van ten minste een jaar staat, of wanneer er gegronde redenen bestaan om aan te nemen dat de geobserveerde persoon, ten behoeve van een gerechtelijk onderzoek, kan meewerken aan de identificatie of het aanduiden van de verblijfplaats van een dergelijke persoon, zijn bevoegd de grensoverschrijdende observatie voort te zetten op basis van een vooraf ingediend verzoek om wederzijdse rechtshulp.
Op verzoek wordt de observatie opgedragen aan de functionarissen van de partij op het grondgebied waarvan de observatie plaatsvindt.
**2.** Indien op grond van bijzonder spoedeisende redenen niet vooraf om de toestemming van de partij kan worden verzocht, zijn de observerende functionarissen bevoegd de observatie over de grens voort te zetten, mits aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:
De feiten waarop het onderzoek betrekking heeft, vallen onder een van de in Bijlage 1 bij dit Verdrag vermelde categorieën strafbare feiten;
De grensoverschrijding wordt onmiddellijk medegedeeld:
voor de Franse partij: aan het operationeel centrum van de gendarmerie van Saint-Martin, die de in het derde lid van dit artikel genoemde rechterlijke autoriteit op de hoogte brengt;
voor de Nederlandse partij: aan de centrale meldkamer van het korps politie Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba, die de in het derde lid van dit artikel genoemde rechterlijke autoriteit op de hoogte brengt:
Aan de in het derde lid van dit artikel bedoelde autoriteiten wordt onverwijld een overeenkomstig het eerste lid van dit artikel ingediend verzoek om wederzijdse rechtshulp gericht, onder vermelding van de gronden voor de grensoverschrijding zonder voorafgaande toestemming.
De observatie wordt afgebroken zodra de partij op het grondgebied waarvan de observatie plaatsvindt daarom verzoekt, na ontvangst van de mededeling uit hoofde van de onderdelen b) en c) van het tweede lid van dit artikel, of indien de toestemming niet wordt verkregen binnen een termijn van zes uren te rekenen vanaf de grensoverschrijding door de observerende functionarissen.
**3.** De toestemming is geldig voor het gehele grondgebied van de aangezochte partij en er kunnen voorwaarden aan worden verbonden.
Het verzoek om wederzijdse rechtshulp dient te worden gericht aan de autoriteit die is aangewezen voor het verlenen of doorzenden van de toestemming waarom wordt verzocht, hetzij:
voor de Franse partij: de territoriaal bevoegde officier van justitie. Het verzoek wordt gelijktijdig gericht aan het bureau van het Interregionaal Directoraat Recherche (Direction Interrégionale de Police Judiciaire - DIPJ) Antillen-Guyana (filiaal van het Nationaal Centraal Bureau/NCB Frankrijk van Interpol); achteraf wordt eveneens een verslag van de uitvoering van de observatie verzonden.
voor de Nederlandse partij: de procureur-generaal van de Nederlandse Antillen.
**4.** De observerende functionarissen zijn:
voor de Franse partij: de opsporingsambtenaren van de nationale politie en de nationale gendarmerie;
voor de Nederlandse partij: de opsporingsambtenaren in de zin van het Wetboek van Strafvordering van de Nederlandse Antillen, mits zij zijn aangewezen als observanten.
**5.** Aan de observerende functionarissen komt geen staandehoudingsbevoegdheid toe.
**6.** De observatie mag slechts worden uitgevoerd onder de volgende algemene voorwaarden:
de observerende functionarissen dienen zich te houden aan de bepalingen van dit artikel en aan het recht van de partij op wier grondgebied zij optreden; ze zijn verplicht gevolg te geven aan door de lokaal bevoegde autoriteiten gegeven bevelen;
op de observerende functionarissen zijn, op het gebied van het verkeer, dezelfde wettelijke bepalingen van toepassing als op de politiefunctionarissen van de partij op wier grondgebied de observatie plaatsvindt;
behoudens in de gevallen als bedoeld in het tweede lid van dit artikel dienen de functionarissen tijdens de observatie te zijn voorzien van een document waaruit blijkt dat de toestemming is verleend;
de observerende functionarissen dienen te allen tijde in staat te zijn hun officiële hoedanigheid aan te tonen;
de observerende functionarissen mogen tijdens de observatie hun dienstwapen dragen; het wapen mag uitsluitend in geval van noodweer worden gebruikt;
het is de observerende functionarissen verboden woningen binnen te treden en niet voor het publiek toegankelijke plaatsen te betreden en zij mogen voor het publiek toegankelijke werkplekken, bedrijven of zakelijke locaties uitsluitend betreden gedurende de openingstijden ervan;
van elke observatie wordt verslag gedaan aan de diensten van de partij op het grondgebied waarvan de observatie heeft plaatsgevonden en de persoonlijke verschijning van observerende functionarissen kan worden verlangd;
de diensten van de partij waaronder de observerende functionarissen vallen, verlenen, wanneer daarom is verzocht door de diensten van de partij op het grondgebied waarvan de observatie heeft plaatsgevonden, hun medewerking aan het politieonderzoek of de gerechtelijke procedure die voortvloeit uit de operatie waaraan zij hebben deelgenomen;
de voor de observatie benodigde technische middelen worden gebruikt overeenkomstig de wetgeving van de partij op het grondgebied waarvan de observatie wordt voortgezet; de voor de optische en akoestische surveillance gebruikte middelen dienen in het verzoek om wederzijdse rechtshulp te worden vermeld.
TITEL V
Artikel 12
Artikel 12
Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Franse Republiek inzake eilandbrede samenwerking op politiegebied op Sint Maarten· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 oktober 2015