Naar hoofdinhoud
1. De verantwoordelijkheid voor het toezicht op de verwerking van persoonsgegevens door de Partijen uit hoofde van deze Overeenkomst, met inbegrip van de verstrekking van de gegevens aan andere entiteiten, berust bij een onafhankelijke autoriteit voor de bescherming van persoonsgegevens of, voor zover van toepassing, bij de bevoegde autoriteit van de betreffende Partij. 2. Op verzoek van de autoriteit, bedoeld in het eerste lid van dit artikel, verstrekt de vastleggende instantie onmiddellijk de vastgelegde gegevens, bedoeld in artikel 15.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel