**A.** De oorspronkelijke leden van de Organisatie zijn die Staten welke lid zijn van de Verenigde Naties of van een der gespecialiseerde organisaties en dit Statuut hebben ondertekend binnen negentig dagen nadat het voor ondertekening is opengesteld en die een akte van bekrachtiging hebben nedergelegd.
**B.** Andere leden van de Organisatie zijn die Staten welke, ongeacht of zij lid zijn van de Verenigde Naties of van een der gespecialiseerde organisaties, een akte van aanvaarding van dit Statuut hebben nedergelegd nadat de Algemene Conferentie op aanbeveling van de Raad van Beheer haar goedkeuring aan het lidmaatschap heeft gehecht. Bij het aanbevelen van een Staat voor het lidmaatschap en bij het hechten van de goedkeuring hieraan, overtuigen de Raad van Beheer en de Algemene Conferentie zich ervan dat die Staat in staat en bereid is de verplichtingen van het lidmaatschap van de Organisatie na te komen en houden daarbij terdege rekening met het vermogen en de bereidheid van die Staat te handelen overeenkomstig de doelstellingen en beginselen van het Handvest der Verenigde Naties.
**C.** De Organisatie is gebaseerd op het beginsel der soevereine gelijkheid van alle leden en alle leden dienen derhalve, opdat zij allen de rechten en voordelen van het lidmaatschap zullen genieten, de verplichtingen welke zij overeenkomstig dit Statuut op zich hebben genomen te goeder trouw na te komen.
Artikel IV
Lidmaatschap
Onderdeel van Statuut van de Internationale Organisatie voor Atoomenergie· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 30 juli 1957