Naar hoofdinhoud

Artikel V

De Algemene Conferentie

Onderdeel van Statuut van de Internationale Organisatie voor Atoomenergie· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 30 juli 1957

A. Een Algemene Conferentie, bestaande uit vertegenwoordigers van alle leden, komt elk jaar in gewone zitting bijeen en kan door de Directeur-Generaal op verzoek van de Raad van Beheer of van de meerderheid der leden eveneens in buitengewone zittingen bijeengeroepen worden. De zittingen vinden plaats op het hoofdbureau van de Organisatie, tenzij door de Algemene Conferentie anders wordt bepaald. B. Bij deze zittingen wordt elk lid vertegenwoordigd door een afgevaardigde, die vergezeld mag zijn van plaatsvervangers en adviseurs. De kosten van het bijwonen der vergaderingen door een afvaardiging worden door het betrokken lid betaald. C. Bij het begin van elke zitting kiest de Algemene Conferentie een President en andere eventueel nodige functionarissen. Hun ambtstermijn valt samen met de duur der zitting. De Algemene Conferentie stelt, met inachtneming van de bepalingen van dit Statuut, haar eigen huishoudelijk reglement vast. Elk lid heeft één stem. Besluiten krachtens lid H van artikel XIV, lid C van artikel XVIII en lid B van artikel XIX worden genomen met een tweederde meerderheid der aanwezige, hun stem uitbrengende leden. Besluiten inzake andere aangelegenheden, daaronder begrepen de vaststelling van andere aangelegenheden of categorieën van aangelegenheden waarover met een tweederde meerderheid dient te worden beslist, worden genomen met een enkelvoudige meerderheid der aanwezige, hun stem uitbrengende leden. Een meerderheid van leden vormt een quorum. D. De Algemene Conferentie mag alle aangelegenheden en onderwerpen welke binnen de werkingssfeer van dit Statuut vallen of welke betrekking hebben op de bevoegdheden en functies van alle bij dit Statuut voorziene organen, bespreken en mag met betrekking tot deze kwesties en zaken aanbevelingen doen bij de leden van de Organisatie of bij de Raad van Beheer of bij beiden. E. De Algemene Conferentie: kiest de leden van de Raad van Beheer overeenkomstig artikel VI; hecht haar goedkeuring aan het lidmaatschap van Staten overeenkomstig artikel IV; ontheft een lid tijdelijk van de rechten en voorrechten van het lidmaatschap overeenkomstig artikel XIX; bestudeert het jaarrapport van de Raad van Beheer; keurt, overeenkomstig artikel XIV, de door de Raad van Beheer aanbevolen begroting van de Organisatie goed of zendt deze, vergezeld van aanbevelingen het geheel of delen ervan betreffend, aan de Raad van Beheer terug ter wederindiening bij de Algemene Conferentie; keurt bij de Verenigde Naties in te dienen rapporten goed, zoals dit in de overeenkomst nopens de betrekkingen tussen de Organisatie en de Verenigde Naties is voorgeschreven, uitgezonderd de in lid C van artikel XII bedoelde rapporten, of zendt deze aan de Raad van Beheer terug vergezeld van haar aanbevelingen; hecht haar goedkeuring aan elke overeenkomst of alle overeenkomsten tussen de Organisatie en de Verenigde Naties en andere organisaties als bepaald in artikel XVI of zendt deze overeenkomsten vergezeld van haar aanbevelingen aan de Raad van Beheer terug ter wederindiening bij de Algemene Conferentie; hecht haar goedkeuring aan voorschriften en beperkingen betreffende de uitoefening van de bevoegdheden van de Raad van Beheer om leningen aan te gaan, in overeenstemming met lid G van artikel XIV; hecht haar goedkeuring aan voorschriften betreffende de aanvaarding van vrijwillige bijdragen aan de Organisatie; en hecht, overeenkomstig lid F van artikel XIV, haar goedkeuring aan de wijze waarop het in dat lid bedoelde algemene fonds gebruikt mag worden; keurt overeenkomstig lid B van artikel XVIII wijzigingen in dit Statuut goed; hecht haar goedkeuring aan de aanstelling van de Directeur-Generaal overeenkomstig lid A van artikel VII. F. De Algemene Conferentie heeft de bevoegdheid: beslissingen te nemen aangaande zaken welke voor dit doel door de Raad van Beheer speciaal naar de Algemene Conferentie worden verwezen; onderwerpen voor te leggen ter bestudering door de Raad van Beheer, en de Raad om rapporten te verzoeken inzake elke aangelegenheid welke betrekking heeft op de functies van de Organisatie.

Rechtspraak bij dit artikel