**1.** Dit artikel is van toepassing op:
mijnen
valstrikmijnen; en
andere mechanismen.
**2.** Het is onder alle omstandigheden verboden wapens waarop dit artikel van toepassing is, offensief, defensief of bij wijze van represaille, te richten tegen de burgerbevolking als zodanig of tegen individuele burgers.
**3.** Het niet-onderscheidend gebruik van wapens waarop dit artikel van toepassing is, is verboden. Niet-onderscheidend gebruik is iedere plaatsing van zodanige wapens:
die niet is op, of gericht tegen, een militair doel; of
waarbij een methode of wijze van leggen wordt gehanteerd die niet tegen een bepaald militair doel kan worden gericht; of
die, naar kan worden verwacht, bijkomend verlies van mensenlevens onder de burgerbevolking, verwondingen van burgers, schade aan burgerobjecten of een combinatie daarvan ten gevolge zal hebben, in een mate die buitensporig zou zijn in verhouding tot het verwachte tastbare rechtstreekse militaire voordeel.
**4.** Alle praktisch uitvoerbare voorzorgen dienen te worden genomen ter bescherming van burgers tegen de uitwerking van de wapens waarop dit artikel van toepassing is. Praktisch uitvoerbare voorzorgen zijn die voorzorgen die doenlijk of praktisch mogelijk zijn, rekening houdend met alle omstandigheden van het moment, met inbegrip van humanitaire en militaire overwegingen.
Artikel 3
Algemene beperkingen op het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen
Onderdeel van Protocol inzake het verbod of de beperking van het gebruik van mijnen, valstrikmijnen en andere mechanismen (Protocol II)· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 18 december 1987