Elke Verdragsluitende Partij zal, op verzoek van de andere Partij en voorzover dit in de praktijk mogelijk is, de op haar gebied door onderdanen of een groep van onderdanen van de andere Partij verrichte wetenschappelijke en culturele onderzoekingen vergemakkelijken.
Artikel 6
Artikel 6
Onderdeel van Cultureel Verdrag tussen Nederland en Noorwegen· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 14 mei 1956