**(1).** Deze Overeenkomst is van toepassing op belastingen, die volgens de wetgeving van elk van beide Staten rechtstreeks van het inkomen of van het vermogen of naar verscheidene andere grondslagen ten behoeve van de Staten, de „Länder”, de provinciën, de gemeenten of gemeentelijke verbanden, (ook in de vorm van opcenten) worden geheven.
**(2).** Belastingen in de zin van deze Overeenkomst zijn:
in de Bondsrepubliek Duitsland:
de Einkommensteuer (inkomstenbelasting) (met inbegrip van de Lohnsteuer (loonbelasting), de Kapitalertragsteuer (belasting op kapitaalopbrengsten) en de Aufsichtsratsteuer (commissarissenbelasting));
de Körperschaftsteuer (vennootschapsbelasting);
de Abgabe Notopfer Berlin (heffing „Notopfer Berlin”);
de Vermögensteuer (vermogensbelasting);
de Gewerbesteuer (ondernemingsbelasting);
de Grundsteuer (grondbelasting);
in het Koninkrijk der Nederlanden:
de inkomstenbelasting;
de loonbelasting;
de vennootschapsbelasting;
de dividendbelasting;
de commissarissenbelasting;
de vermogensbelasting;
de grondbelasting;
gemeentelijke baatbelastingen;
gemeentelijke bouwterreinbelastingen;
wegen-, straat- en vaartbelastingen;
het recht op de mijnen.
**(3).** De Overeenkomst zal van toepassing zijn op elke andere belasting van in wezen gelijke of gelijksoortige aard, die na de ondertekening van de Overeenkomst in een van de Staten wordt ingevoerd.
**(4).** De hoogste belastingautoriteiten van de Staten zullen elkander van de invoering van nieuwe belastingen, wezenlijke wijzigingen of de afschaffing van bestaande belastingen, waarop deze Overeenkomst betrekking heeft, op de hoogte stellen.
Artikel 1
Artikel 1
Deze tekst geldt sinds 18 september 1960