Wanneer een persoon die op het grondgebied van een Verdragsluitende Partij woont, in aanmerking wenst te komen voor een uitkering bij overlijden krachtens de wetgeving van een andere Verdragsluitende Partij, richt hij zijn aanvraag ofwel tot het bevoegde orgaan, ofwel tot het orgaan van de woonplaats, vergezeld van de bewijsstukken welke in de door het bevoegde orgaan toegepaste wetgeving vereist worden. De juistheid van de door de aanvrager verstrekte gegevens moet worden aangetoond door bij de aanvraag gevoegde officiële stukken of worden bevestigd door de bevoegde instanties van de Verdragsluitende Partij op het grondgebied waarvan hij woont.
TITEL IV › HOOFDSTUK 4 › Paragraaf
Artikel 61
Indiening van de aanvraag
Onderdeel van Administratieve Schikking voor de toepassing van het Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden (herzien)· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 december 1987