**1.** Om in aanmerking te komen voor de toepassing van artikel 50 van het Verdrag, legt de aanvrager aan het bevoegde orgaan een bewijs over waarin de tijdvakken van verzekering zijn vermeld welke zijn vervuld krachtens de wetgeving van de Verdragsluitende Partij waaraan de overleden rijnvarende tevoren en laatstelijk onderworpen is geweest en verstrekt hij alle verdere inlichtingen welke op grond van de door dit orgaan toegepaste wetgeving vereist zijn.
**2.** Het in het vorige lid bedoelde bewijs wordt op verzoek van de aanvrager verstrekt, naar gelang het geval, door het ter zake van ziekte, arbeidsongevallen, beroepsziekten of ouderdom bevoegde orgaan van de Verdragsluitende Partij aan de wetgeving waarvan de overleden rijnvarende tevoren en laatstelijk onderworpen is geweest. Indien de aanvrager dit bewijs niet overlegt, verzoekt het bevoegde orgaan laatstbedoeld orgaan daarom.
**3.** Indien het nodig is met de vroeger krachtens de wetgeving van enige andere Verdragsluitende Partij vervulde tijdvakken van verzekering rekening te houden om aan de in de wetgeving van de bevoegde Staat gestelde voorwaarden te voldoen, zijn de voorgaande leden van dit artikel van overeenkomstige toepassing.
TITEL IV › HOOFDSTUK 4 › Paragraaf
Artikel 62
Bewijs betreffende tijdvakken van verzekering
Onderdeel van Administratieve Schikking voor de toepassing van het Verdrag betreffende de sociale zekerheid van Rijnvarenden (herzien)· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 december 1987