**1.** Een vrouw die uit hoofde van het in artikel 3 bepaalde haar arbeid verzuimt, heeft recht op geldelijke uitkeringen en geneeskundige verstrekkingen.
**2.** De bedragen der geldelijke uitkeringen worden door de nationale wetgeving op zodanige wijze vastgesteld, dat zij toereikend zijn om het onderhoud van de vrouw en van haar kind onder goede hygiënische omstandigheden en overeenkomstig een behoorlijk levenspeil volledig te waarborgen.
**3.** De geneeskundige verstrekkingen omvatten praenatale zorg, hulp bij de bevalling en postnatale zorg van een gediplomeerde vroedvrouw of van een geneeskundige, alsmede zo nodig opname in een ziekenhuis; vrije artsenkeuze en vrije keuze tussen een overheids- en een particulier ziekenhuis worden geëerbiedigd.
**4.** De geldelijke uitkeringen en de geneeskundige verstrekkingen worden verleend hetzij middels verplichte sociale verzekering, hetzij uit overheidsmiddelen; in beide gevallen worden zij rechtens verleend aan alle vrouwen die aan de gestelde voorwaarden voldoen.
**5.** Vrouwen die niet rechtens aanspraak hebben op uitkeringen of verstrekkingen, ontvangen toereikende uitkeringen of verstrekkingen uit de voor sociale bijstand bestemde middelen, onder voorbehoud, van de voor sociale bijstand gestelde voorwaarden aangaande de middelen van bestaan.
**6.** Geldelijke uitkeringen, verleend op grond van een verplichte sociale verzekering en vastgesteld aan de hand van vroegere verdiensten, belopen ten minste twee derden van de vroegere verdiensten der vrouw, welke in aanmerking worden genomen voor de berekening van uitkeringen en verstrekkingen.
**7.** Iedere premie, verschuldigd onder een stelsel van verplichte sociale verzekering ter voorziening in uitkeringen en verstrekkingen terzake van moederschap, en iedere op basis van de betaalde lonen berekende belasting, die geheven wordt teneinde te voorzien in deze uitkeringen en verstrekkingen, wordt betaald naar het totale aantal mannen en vrouwen in diens bij de betrokken ondernemingen, zonder onderscheid naar geslacht, onverschillig of de betaling geschiedt door de werkgever, dan wel door de werkgever en de werknemers gezamenlijk.
**8.** In geen geval is de werkgever persoonlijk aansprakelijk voor de kosten van bedoelde uitkeringen en verstrekkingen aan vrouwen in zijn dienst.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Verdrag betreffende de bescherming van het moederschap (herzien)· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 18 september 1982