**(1).** De geldigheidsduur van de vergunningen (artikel 3, lid 1 en 3) is hoogstens gelijk aan de tijdsduur gedurende welke de reisdocumenten op grond waarvan zij zijn afgegeven, het overschrijden van de gemeenschappelijke grens mogelijk maken.
**(2).** De geldigheidsduur van de grenskaarten (artikel 3, lid 2) bedraagt ten hoogste vijf jaar; zij kunnen voor ten hoogste vijf jaar worden verlengd.
Hoofdstuk I
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Bondsrepubliek Duitsland inzake het kleine grensverkeer· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 1961