Naar hoofdinhoud

TITEL III

Artikel 26

Wijzigingen

Onderdeel van Euromediterrane luchtvaartovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en het Hasjemitische Koninkrijk Jordanië, anderzijds· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 2 augustus 2020

1. Als een van de partijen de bepalingen van deze Overeenkomst wenst te wijzigen, moet ze het Gemengd Comité daarvan in kennis stellen. Wijzigingen van deze Overeenkomst worden van kracht na voltooiing van de respectieve interne procedures van elke partij. 2. Het Gemengd Comité kan, op voorstel van een partij en overeenkomstig dit artikel, beslissen de bijlagen bij deze Overeenkomst te wijzigen. 3. Deze Overeenkomst laat het recht van de partijen onverlet om unilateraal nieuwe wetgeving op het vlak van luchtvervoer of een aanverwant in bijlage III bij deze Overeenkomst vermeld gebied vast te stellen of bestaande wetgeving te wijzigen, voor zover zij het niet-discriminatiebeginsel in acht nemen. 4. Zodra een van de partijen nieuwe wetgeving opstelt op het gebied van luchtvervoer of een aanverwant gebied dat onder bijlage III valt, die gevolgen kan hebben voor de goede werking van deze Overeenkomst, stelt zij de andere partij daar zo snel mogelijk van in kennis en pleegt zij overleg met de andere partij. Op verzoek van een van de partijen kan een voorafgaande gedachtewisseling plaatsvinden in het Gemengd Comité. 5. Zodra een van de partijen nieuwe wetgeving of een wijziging van bestaande wetgeving vaststelt op het gebied van luchtvervoer of een aanverwant gebied dat onder bijlage III valt, die gevolgen kan hebben voor de goede werking van deze Overeenkomst, stelt zij de andere partij daar uiterlijk dertig dagen na de vaststelling van die wetgeving van in kennis. Op verzoek van een partij organiseert het Gemengd Comité binnen zestig dagen na deze kennisgeving een gedachtewisseling over de gevolgen die de nieuwe wetgeving of de wijziging van bestaande wetgeving heeft voor de goede werking van deze Overeenkomst. 6. Naar aanleiding van de in lid 5 van dit artikel vermelde gedachtewisseling zal het Gemengd Comité: een beslissing nemen tot herziening van bijlage III bij deze Overeenkomst, teneinde daarin, zo nodig op basis van wederkerigheid, de nieuwe wetgeving of wijziging in kwestie op te nemen; een beslissing nemen waarbij wordt vastgesteld dat de nieuwe wetgeving of wijziging in kwestie wordt beschouwd als zijnde in overeenstemming met deze Overeenkomst; of andere maatregelen aanbevelen, die binnen een redelijke termijn moeten worden vastgesteld, teneinde de goede werking van deze Overeenkomst te waarborgen.

Rechtspraak bij dit artikel