**1.** De bevoegde instanties van elke partij kunnen de exploitatievergunningen weigeren, intrekken, opschorten of beperken of de activiteiten van een luchtvaartmaatschappij van de andere partij op een andere wijze opschorten of beperken als:
in het geval van een luchtvaartmaatschappij uit Jordanië:
de hoofdvestiging van de luchtvaartmaatschappij zich niet in Jordanië bevindt of de luchtvaartmaatschappij niet over een exploitatievergunning overeenkomstig de toepasselijke wetgeving van Jordanië beschikt;
het regelgevend toezicht op de luchtvaartmaatschappij niet daadwerkelijk wordt uitgeoefend en gehandhaafd door Jordanië;
of
de eigendom van de luchtvaartmaatschappij, rechtstreeks of via een meerderheidsparticipatie, en de feitelijke zeggenschap over de luchtvaartmaatschappij niet berusten bij Jordanië en/of onderdanen van Jordanië;
in het geval van een luchtvaartmaatschappij uit de Europese Unie:
de hoofdvestiging of, voor zover van toepassing, de geregistreerde vestiging van de luchtvaartmaatschappij zich niet op het grondgebied van een lidstaat onder het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie bevindt, of de luchtvaartmaatschappij niet over een exploitatievergunning overeenkomstig het uniale recht beschikt;
het regelgevend toezicht op de luchtvaartmaatschappij niet daadwerkelijk wordt uitgeoefend en gehandhaafd door de lidstaat die verantwoordelijk is voor de afgifte van het Air Operators Certificate, of de bevoegde luchtvaartautoriteit niet duidelijk is geïdentificeerd; of
de luchtvaartmaatschappij niet rechtstreeks of via een meerderheidsparticipatie eigendom is van lidstaten en/of onderdanen van lidstaten of andere in bijlage IV vermelde staten en/of onderdanen van die staten;
de luchtvaartmaatschappij niet voldoet aan de in artikel 6 (Naleving van wetten en regels) van deze Overeenkomst vermelde wetten en regels; of
de voorschriften van artikel 13 (Veiligheid van de luchtvaart) en artikel 14 (Beveiliging van de luchtvaart) van deze Overeenkomst niet worden gehandhaafd of opgelegd.
**2.** Tenzij onmiddellijk maatregelen moeten worden genomen om verdere niet-naleving van punt c) of d) van lid 1 te voorkomen, mogen de bij dit artikel vastgestelde rechten om machtigingen of vergunningen van een luchtvaartmaatschappij van een partij te weigeren, in te trekken, op te schorten of te beperken alleen worden uitgeoefend volgens de in artikel 23 van deze Overeenkomst (Vrijwaringsmaatregelen) voorgeschreven procedure. De uitoefening van deze rechten moet in elk geval passend en proportioneel zijn en wat de reikwijdte en de duur betreft beperkt zijn tot wat strikt noodzakelijk is. Deze rechten worden rechtstreeks ten aanzien van de betrokken luchtvaartmaatschappij(en) uitgeoefend en laten het recht van de partijen om actie te ondernemen overeenkomstig artikel 22 (Regeling van geschillen en arbitrage) onverlet.
**3.** Geen van de partijen doet een beroep op de bij dit artikel vastgestelde rechten om vergunningen of machtigingen van een luchtvaartmaatschappij van een partij te weigeren, in te trekken, op te schorten of te beperken op grond van het feit dat een ander Euromedland of onderdanen van dat land meerderheidseigenaar van die luchtvaartmaatschappij zijn en/of er feitelijke zeggenschap over uitoefenen, voor zover dat Euromedland partij is bij een soortgelijke Euromediterrane luchtvaartovereenkomst en een op wederkerigheid berustende behandeling aanbiedt.
TITEL I
Artikel 4
Weigering, intrekking, opschorting of beperking van vergunningen
Onderdeel van Euromediterrane luchtvaartovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en het Hasjemitische Koninkrijk Jordanië, anderzijds· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 2 augustus 2020