**(a).** Inspecties worden uitgevoerd krachtens een door het Controlebureau uitgegeven bevelschrift dat de installaties vermeldt die geinspecteerd moeten worden.
**(b).** In ieder afzonderlijk geval moet de betrokken Regering er van tevoren van in kennis worden gesteld dat de inspectie zal worden uitgevoerd, maar een dergelijke voorafgaande kennisgeving vermeldt niet welke installaties geinspecteerd zullen worden.
**(c).** Indien de betrokken Regering zulks verzoekt, worden de internationale inspecteurs vergezeld door vertegenwoordigers van de autoriteiten van die Regering, op voorwaarde dat de inspecteurs daardoor niet worden opgehouden of op andere wijze in de uitoefening van hun functie worden gehinderd.
**(d).** De internationale inspecteurs hebben tevens tot taak de in artikel 3 (c) bedoelde verantwoording met betrekking tot basismateriaal en splijtstof op te vragen en te controleren, alsmede na te gaan of de uit dit Verdrag en uit iedere met de betrokken Regering of Regeringen gesloten overeenkomst voortvloeiende verplichtingen worden nageleefd. De inspecteurs brengen iedere inbreuk ter kennis van het Controlebureau.
**(e).** Bij verzet tegen de uitvoering van een inspectiemaatregel kan het Controlebureau de President van het Tribunaal, waarin in artikel 12 wordt voorzien, vragen om een bevelschrift voor de tenuitvoerlegging van een inspectiemaatregel tegen de betrokken onderneming. De President van het Tribunaal beslist hierover binnen drie dagen. De beslissing van de President prejudicieert niet op de beslissing van het Tribunaal ten aanzien van eventuele volgende eisen betreffende hetzelfde geval, die later krachtens artikel 13 mochten worden ingediend.
DEEL II
Artikel 11
Artikel 11
Onderdeel van Verdrag inzake de Instelling van een Veiligheidscontrole op het gebied van de Kernenergie· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 22 juli 1959