Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan:
onder „rechten en heffingen ter zake van de invoer” niet alleen de invoerrechten, doch tevens alle rechten en heffingen, hoe ook genaamd, welke ter zake van de invoer worden geheven;
onder „toerist” iedere persoon, zonder onderscheid van ras, geslacht, taal of godsdienst, die het gebied van een der andere Verdragsluitende Staten dan dat waar hij gewoonlijk verblijf houdt, binnenkomt en daar gedurende ten minste vierentwintig uren en ten hoogste zes maanden in de loop van enig tijdvak van twaalf maanden vertoeft op grond van rechtmatige beweegredenen - niet zijnde immigratie -, zoals toerisme, ontspanning, sport, gezondheid, familieomstandigheden, studie, pelgrimstochten of zaken;
onder „Bewijs van tijdelijke invoer” het douanedocument blijkens hetwelk zekerheid is gesteld dan wel consignatie heeft plaatsgevonden voor de rechten en heffingen ter zake van de invoer welke verschuldigd zijn indien wordt nagelaten de tijdelijk ingevoerde goederen weder uit te voeren.
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Verdrag inzake douanefaciliteiten ten behoeve van het toeristenverkeer· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 5 juni 1958