Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK II

Artikel 9

Artikel 9

Onderdeel van Verdrag ter vereenvoudiging van grensformaliteiten vervoer van reizigers en bagage per spoorweg· Migratierecht

Deze tekst geldt sinds 1 april 1953

1. Mits zulks doeltreffender en tevens voor de reizigers gunstiger blijkt te zijn, worden de politie- en douanecontrôles zoveel mogelijk in rijdende internationale treinen uitgevoerd: in alle gevallen waarin het traject, dat die treinen, hetzij vóór, hetzij na het grensstation van één van de beide aangrenzende landen, zonder te stoppen afleggen, op dat grondgebied voldoende tijd biedt voor het vervullen van de voor deze contrôles vereiste formaliteiten; en onder voorwaarde, dat de contrôles in de rijdende treinen tot gevolg hebben, dat het oponthoud van die treinen, hetzij in de grensstations, hetzij in het station waar de contrôles door twee aangrenzende landen worden uitgevoerd, aanmerkelijk wordt bekort. 2. Indien het ter bespoediging van de contrôlewerkzaamheden of ter vermijding van het stoppen aan de grenzen noodzakelijk wordt geacht de ambtenaren en beambten van één van de aangrenzende landen te machtigen om de internationale treinen op het grondgebied van het andere aangrenzende land te betreden en in die treinen op het gebied van dat land contrôles uit te voeren, stellen de bevoegde autoriteiten van die landen bij bilaterale overeenkomst de voorwaarden vast, waaronder die werkzaamheden worden verricht. 3. In internationale treinen vindt de contrôle van de ingeschreven bagage, voorzover deze bagage niet wordt vervoerd onder het in artikel 10 bedoelde régime voor internationale doorvoer, zoveel mogelijk tijdens het rijden plaats, mits zodanige contrôle voordelen biedt voor de reizigers, die dergelijke bagage met zich voeren. 4. De wijze van toepassing van de bepalingen van dit artikel maakt het onderwerp uit van regelingen tussen de bevoegde administraties van de Verdragsluitende Partijen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel