Naar hoofdinhoud

Artikel IV

Artikel IV

Onderdeel van Overeenkomst ter bevordering van de uitwisseling van octrooirechten en technische inlichtingen voor defensiedoeleinden· Intellectuele eigendom

Deze tekst geldt sinds 13 juli 1955

a. Wanneer technische inlichtingen in particulier bezit door of namens hun eigenaar aan de Regering van het land waarvan deze onderdaan of ingezetene is, zijn medegedeeld, en vervolgens voor defensiedoeleinden door die Regering ter kennis van de andere Regering worden gebracht en door deze laatste al dan niet voor defensiedoeleinden worden gebruikt of bekend gemaakt, komen de Regeringen overeen dat, indien door de Regering, die het eerst de inlichtingen ontvangt, aan de eigenaar enige vergoeding wordt betaald, deze betaling onverlet laat de tussen beide Regeringen eventueel te treffen regelingen ten aanzien van de door ieder van hen te aanvaarden aansprakelijkheid voor vergoeding. De Commissie voor Technische Eigendom, ingesteld krachtens Artikel VI van deze Overeenkomst, zal deze regelingen bespreken en daaromtrent aanbevelingen aan de Regeringen doen. b. Wanneer voor defensiedoeleinden technische inlichtingen door een onderdaan of ingezetene van het land van de ene Regering aan de andere Regering, op verzoek van de laatste, ter beschikking worden gesteld en deze vervolgens al dan niet voor defensiedoeleinden worden gebruikt of bekend gemaakt, zal de andere Regering, op Verzoek van de eigenaar, al datgene doen hetwelk onder de toepasselijke wetten mogelijk is om zorg te dragen voor onverwijlde, rechtvaardige en doeltreffende vergoeding voor dat gebruik of die bekendmaking, in zoverre de eigenaar krachtens die wetten daarop aanspraak heeft.

Rechtspraak bij dit artikel