Wanneer een der Regeringen een uitvinding bezit of het recht heeft om licentie te verlenen tot het gebruik daarvan en deze uitvinding wordt door de andere Regering voor defensiedoeleinden gebruikt, dan zal de laatstbedoelde Regering het recht hebben de uitvinding kosteloos te gebruiken, behoudens voorzover er aansprakelijkheid mocht bestaan jegens een particuliere eigenaar met vaststaande belangen bij de uitvinding.
Wanneer een der Regeringen instellingen bezit of daarin beslissende zeggenschap heeft, welke instellingen het recht hebben een licentie te verlenen tot gebruik van een uitvinding, en deze uitvinding wordt door de andere Regering voor defensiedoeleinden gebruikt, dan zal de laatstbedoelde Regering recht hebben op een licentie op voorwaarden welke tenminste even gunstig zijn als die, welke kunnen worden verkregen door de eerstgenoemde Regering of door andere instellingen van die Regering, mits daardoor voor de Regering die het bezit of de zeggenschap heeft, geen financiële verplichtingen ontstaan.
Artikel V
Artikel V
Onderdeel van Overeenkomst ter bevordering van de uitwisseling van octrooirechten en technische inlichtingen voor defensiedoeleinden· Intellectuele eigendom
Deze tekst geldt sinds 13 juli 1955