Naar hoofdinhoud
1. De autoriteiten van een krijgsmacht en de Duitse autoriteiten verschaffen elkander alle voor de gemeenschappelijke verdediging van belang zijnde inlichtingen op het gebied van de meteorologie, geodesie, topografie, hydrografie en cartografie en wisselen te dien einde alle noodzakelijke gegevens uit. 2. De autoriteiten van een krijgsmacht kunnen, na de Duitse autoriteiten daarvan tijdig in kennis te hebben gesteld, in het belang van de gemeenschappelijke verdediging, topografische, geodetische, hydrografische of technische opnemingen of verkenningen verrichten, indien bijzondere redenen van veiligheid of geheimhouding dit noodzakelijk maken of indien de Duitse autoriteiten deze werkzaamheden niet in de vereiste omvang of binnen de vereiste tijd kunnen verrichten. Vertegenwoordigers van de Duitse autoriteiten kunnen bij het verrichten van deze werkzaamheden tegenwoordig zijn, tenzij bijzondere redenen van geheimhouding zich daartegen verzetten. De Duitse autoriteiten maken zonodig van de hun door de Duitse wetgeving verleende bevoegdheden gebruik teneinde voor de vertegenwoordigers van de krijgsmacht verlof tot het betreden van terreinen te verkrijgen.

Rechtspraak bij dit artikel