Naar hoofdinhoud
1. Bij de oplossing van geschillen welke voortvloeien uit contracten die door de Duitse autoriteiten voor rekening van de autoriteiten van een krijgsmacht of van een civiele dienst zijn gesloten, werken deze autoriteiten voortdurend nauw samen, onafhankelijk van de vraag of deze geschillen al dan niet tot een rechtszaak aanleiding geven. Het vorenstaande is van overeenkomstige toepassing op geschillen, voortvloeiende uit arbeidsovereenkomsten, het recht inzake de werknemersvertegenwoordiging (Betriebsvertretungsrecht) of de sociale verzekering van burgerwerkkrachten van een krijgsmacht of een civiele dienst en op geschillen welke voortvloeien uit de rechtsgedingen, bedoeld in artikel 62, eerste lid, onder c. De nadere regeling van deze samenwerking wordt vastgelegd in administratieve overeenkomsten. 2. Voorzover de in het eerste lid bedoelde administratieve overeenkomsten betrekking hebben op rechtsgedingen tegen de Bondsrepubliek, zijn zij op de volgende beginselen gebaseerd: De autoriteiten van de krijgsmacht of van de civiele dienst worden onverwijld in kennis gesteld van de indiening van een eis en worden in alle essentiële stadia van de procedure geraadpleegd. De beslissing inzake het al dan niet instellen van beroep wordt slechts genomen in overeenstemming met de autoriteiten van de krijgsmacht of van de civiele dienst. Bij gebreke van overeenstemming tekenen de Duitse autoriteiten beroep aan indien een autoriteit van de krijgsmacht of - in voorkomend geval - van de civiele dienst, op het hoogste niveau verklaart, dat zij dit van essentieel belang acht. De autoriteiten van de krijgsmacht of van de civiele dienst maken geen bezwaar tegen het instellen van beroep, indien een autoriteit van de Bondsrepubliek op het hoogste niveau verklaart dat dit voor haar van essentieel belang is. Voorzover de motieven welke ten grondslag liggen aan de verklaring omtrent het belang als bedoeld in de eerste en tweede volzin van dit punt in de loop van de onderhandelingen terzake van het instellen van beroep niet aan de andere partij bekend zijn geworden, worden ze op verzoek medegedeeld. 3. Het bepaalde in het tweede lid is van overeenkomstige toepassing op rechtsgedingen welke door de Bondsrepubliek aanhangig gemaakt worden, met dien verstande dat de beginselen, vervat in het tweede lid, onder b van toepassing zijn op de indiening van een eis. 4. Onafhankelijk van de vraag of ter zake van de geschillen als bedoeld in het eerste lid rechtsgedingen aanhangig zijn, beëindigen de Duitse autoriteiten dergelijke geschillen slechts in overeenstemming met de autoriteiten van de krijgsmacht of van de civiele dienst. 5. De betrokken staat van herkomst neemt alle verplichtingen op zich en geniet alle voorrechten die op de Bondsrepubliek rusten, onderscheidenlijk aan de Bondsrepubliek toevallen krachtens in kracht van gewijsde gegane rechterlijke uitspraken (vollstreckbare Titel) gedaan in rechtsgedingen ter zake van geschillen als bedoeld in het eerste lid. Indien de krijgsmacht of de civiele dienst tegen het indienen van een eis of het instellen van hoger beroep alleen daarom geen bezwaar maakt omdat een autoriteit van de Bondsrepubliek op het hoogste niveau heeft verklaard zulks van essentieel belang te achten, en op grond van de eis of het hoger beroep extra kosten in het rechtsgeding ontstaan, wordt van geval tot geval overeengekomen of en in hoeverre de als gevolg van dit rechtsgeding vastgestelde verplichtingen ten laste van de staat van herkomst of van de Bondsrepubliek komen. De kosten die voortvloeien uit een rechtszaak en die niet zijn begrepen in de kosten die door de rechtbank zijn vastgesteld, worden door de staat van herkomst betaald, indien de krijgsmacht of de civiele dienst van te voren toestemming heeft gegeven de kosten te maken. 6. Geschillen voortvloeiende uit levering van goederen en diensten die op het grondgebied van de Bondsrepubliek uit hoofde van rechtstreeks door de autoriteiten van een krijgsmacht of een civiele dienst gesloten contracten geleverd zijn, worden beslecht door Duitse rechtbanken of door een onafhankelijk scheidsgerecht. Indien de Duitse rechtbanken het geschil moeten beslechten, wordt de eis ingediend tegen de Bondsrepubliek, die in eigen naam in het belang van de staat van herkomst in de zaak optreedt. Het tweede, vierde en vijfde lid van dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing wat betreft de verhoudingen tussen de Bondsrepubliek en de staat van herkomst. De regelingen die tussen de Bondsrepubliek en een staat van herkomst zijn getroffen hebben evenwel voorrang boven de bepalingen vermeld onder a.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel