**1.** Een krijgsmacht, een civiele dienst, hun leden en gezinsleden zijn gerechtigd gebruik te maken van Duitse openbare en particuliere vervoermiddelen en vervoersdiensten, die voor het openbare vervoer in de Bondsrepubliek bestemd zijn. Tenzij anders is overeengekomen, is de uitoefening van dit recht onderworpen aan de algemeen voor het verkeer geldende voorschriften.
**2.** De tarieven die voor een krijgsmacht en een civiele dienst gelden voor het gebruik van de in het eerste lid bedoelde vervoermiddelen en vervoersdiensten, zijn niet minder gunstig dan die welke gelden voor de Duitse strijdkrachten. Deze tarieven worden door de bevoegde Duitse autoriteiten in overeenstemming met de Duitse verkeerswetgeving vastgesteld of goedgekeurd. De autoriteiten van de krijgsmacht hebben het recht deel te nemen aan de onderhandelingen met de vervoerders inzake de militaire tarieven. Indien zich met betrekking tot vervoersdiensten ten behoeve van een krijgsmacht en haar civiele dienst bijzondere omstandigheden voordoen, waarin de militaire tarieven niet voorzien, herzien de Duitse autoriteiten, na onderhandelingen tussen de autoriteiten van de krijgsmacht en de vervoerders, de militaire tarieven binnen de grenzen van hun wettelijke bevoegdheden op redelijke wijze.
De militaire tarieven worden berekend op basis van een vereenvoudigd schema dat rekening houdt met de specifieke aard van het militaire vervoer en dat de praktische toepassing van de tarieven door een krijgsmacht of een civiele dienst vergemakkelijkt.
De toepassing van de militaire tariefschalen dient in het geheel genomen voor een krijgsmacht of een civiele dienst niet tot een minder gunstige uitkomst te leiden, dan de toepassing van de openbare tariefschalen, met inbegrip van in aanmerking komende bijzondere tarieven.
**3.** De Bondsrepubliek neemt verzoeken van een krijgsmacht om oprichting van aanvullende installaties en inrichtingen of verandering in bestaande installaties en inrichtingen in welwillende overweging, indien niet op andere wijze in de behoeften van de krijgsmacht aan vervoer kan worden voorzien.
**4.** De Duitse autoriteiten nemen binnen het kader van hun bevoegdheden zo nodig gepaste maatregelen om te verzekeren, dat in de behoeften van een krijgsmacht aan ketelwagens en aan slaap- en restauratierijtuigen op redelijke voorwaarden wordt voorzien door contractuele regelingen tussen de autoriteiten van de krijgsmacht en de ondernemingen die zulke diensten op commerciële basis ter beschikking van andere gebruikers stellen.
Artikel 58
Artikel 58
Onderdeel van Aanvullende Overeenkomst bij het Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noordatlantische Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, met betrekking tot de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde buitenlandse krijgsmachten· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 1963