**1.** De vrijstelling van invoerrechten, bedoeld in artikel XI, vierde lid van het NAVO-Status Verdrag, wordt niet slechts verleend voor goederen die op het tijdstip van hun invoer eigendom zijn van een krijgsmacht of een civiele dienst doch ook voor goederen die aan een krijgsmacht of een civiele dienst worden geleverd uit hoofde van contracten die de krijgsmacht of de civiele dienst rechtstreeks met niet in de Bondsrepubliek of Berlijn (West) gevestigde personen gesloten heeft. Deze vrijstelling is van toepassing, onverschillig of de goederen worden vervoerd met vervoermiddelen van de krijgsmacht of de civiele dienst dan wel door transportondernemingen.
Invoerrechten en accijnzen, met inbegrip van de omzetbelasting bij invoer (Umsatzausgleichsteuer), worden niet geheven van ingevoerde goederen die zich in douane-entrepots (Zollausschlüssen) of onder douanetoezicht (Zollverkehr) bevinden, en aan een krijgsmacht of een civiele dienst geleverd worden uit hoofde van contracten die een officiële aanschaffingsdienst van de krijgsmacht of de civiele dienst heeft gesloten met personen die in de Bondsrepubliek of in Berlijn (West) gevestigd zijn, mits de betaling daarvoor geschiedt in de valuta van de staat van herkomst. Aan deze voorwaarde wordt ook geacht te zijn voldaan, indien de betaling geschiedt in Duitse marken die de krijgsmacht of de civiele dienst heeft verkregen door inwisseling van bedoelde valuta in de Bondsrepubliek bij in onderling overleg aangewezen instellingen, dan wel in Duitse marken die krachtens bijzondere overeenkomst tussen de betrokken regeringen voor dit doel mogen worden gebruikt.
**2.** De vrijstellingen bedoeld in het eerste lid van dit artikel zijn ook van toepassing ten aanzien van goederen die door een krijgsmacht of een civiele dienst zijn ingevoerd of aangebracht om ze aan hun leden of gezinsleden voor particulier gebruik of verbruik te vervreemden. Tenzij in bepaalde gevallen de autoriteiten van de krijgsmacht en de Duitse autoriteiten anders overeengekomen zijn, mag de vervreemding slechts geschieden door tussenkomst van bepaalde organen van de krijgsmacht of de civiele dienst of van te hunnen dienste staande organisaties, waarvan de namen aan de Bondsregering medegedeeld worden.
**3.** Een krijgsmacht en een civiele dienst zijn gerechtigd goederen in het Bondsgebied te vervreemden aan personen die geen lid van de krijgsmacht of de civiele dienst of geen gezinslid zijn, in overeenstemming met nadere met de Duitse autoriteiten te sluiten overeenkomsten. De verwerver van die goederen is verantwoordelijk voor de naleving van de krachtens de Duitse douanewetgeving uit de vervreemding voortvloeiende verplichtingen. De krijgsmacht en de civiele dienst staan de afvoer van de goederen eerst toe, indien de belanghebbende een verklaring van de betrokken Duitse douaneautoriteit overlegt ten bewijze dat hij de nodige regelingen heeft getroffen met de Duitse dienst der douane.
**4.** Een krijgsmacht en de bevoegde Duitse autoriteiten treffen alle in aanmerking komende maatregelen ter verzekering van een onbelemmerde en snelle behandeling van in- en uitvoerzendingen van de krijgsmacht en de civiele dienst door de Duitse douane-autoriteiten.
**5.** De douanecontrole van door een krijgsmacht of een civiele dienst in- of uitgevoerde zendingen wordt door de Duitse autoriteiten uitgevoerd met inachtneming van de volgende beginselen:
Onverminderd de bepalingen van artikel XI, derde lid, van het NAVO-Status Verdrag en het in dit lid onder b, c en d bepaalde kunnen zendingen van een krijgsmacht of een civiele dienst door de Duitse douane-autoriteiten worden onderzocht op aantal, soort, merken en gewicht van de afzonderlijke colli.
De Duitse douane-autoriteiten kunnen de zendingen ook op hun inhoud onderzoeken. Een zodanig onderzoek zal, indien het colli betreft, die met een officieel zegel van een krijgsmacht of van de militaire autoriteiten van een staat van herkomst zijn verzegeld, slechts plaatsvinden in geval van ernstige verdenking. Indien het gaat om andere zendingen, kan het onderzoek ook steekproefsgewijze worden uitgevoerd. De laadruimte van voertuigen die op de wijze bedoeld in de tweede volzin verzegeld zijn, en gesloten colli worden slechts aan een zodanig onderzoek onderworpen in het bijzijn van daartoe aangewezen vertegenwoordigers van de krijgsmacht of van de civiele dienst, tenzij de krijgsmacht of de civiele dienst er in een bepaald geval van afziet zich daarbij te laten vertegenwoordigen.
De omvang van de onderzoeken en de wijze waarop de onderzoeken zullen worden uitgevoerd worden bij bijzondere overeenkomst tussen de autoriteiten van een krijgsmacht en de Duitse douaneautoriteiten geregeld. Deze overeenkomsten houden rekening met de verschillende soorten zendingen, de wijze van vervoer, de eigen werkwijze van iedere krijgsmacht en alle andere van belang zijnde factoren. Een krijgsmacht of een civiele dienst kan verzoeken dat het onderzoek niet plaatsvindt aan de grens maar op de plaats van bestemming der zendingen of in de nabijheid daarvan. In die gevallen zijn de Duitse douane-autoriteiten gerechtigd de nodige maatregelen te treffen om te verzekeren dat de zending ongeschonden de plaats van onderzoek bereikt.
Indien de Duitse douane-autoriteiten dit verzoeken, worden zendingen die - blijkens door de autoriteiten van een krijgsmacht afgegeven officiële verklaringen - militaire uitrustingsstukken bevatten waarop bijzondere veiligheidsbepalingen van toepassing zijn, onderworpen aan een onderzoek, dat slechts wordt uitgevoerd door speciaal voor dit doel aangewezen vertegenwoordigers van de krijgsmacht. Het resultaat van het onderzoek wordt aan de bevoegde Duitse autoriteit medegedeeld.
De bepalingen van dit lid onder a, b en c zijn in beginsel mede van toepassing op zendingen van een krijgsmacht die via militaire luchtvaartterreinen worden in- of uitgevoerd.
De Duitse autoriteiten nemen echter genoegen met van tijd tot tijd uit te voeren controles die plaatsvinden in overleg met de voor het betreffende luchtvaartterrein verantwoordelijke autoriteiten van de krijgsmacht. De autoriteiten van de krijgsmacht oefenen een regelmatige controle op al deze zendingen uit. Douanecontrole in militaire vliegtuigen waarop bijzondere veiligheidsbepalingen van toepassing zijn, wordt slechts uitgevoerd door speciaal daartoe aangewezen vertegenwoordigers van de krijgsmacht.
**6.** Bij de uitvoer van in het Bondsgebied door een krijgsmacht of een civiele dienst verworven goederen moet aan het douanekantoor een officiële verklaring worden overgelegd gelijk aan die bedoeld in artikel XI, vierde lid van het NAVO-Status Verdrag, behalve voorzover op de voet van het tiende lid van dat artikel van deze eis wordt afgezien.
Artikel 65
Artikel 65
Onderdeel van Aanvullende Overeenkomst bij het Verdrag tussen de Staten die partij zijn bij het Noordatlantische Verdrag nopens de rechtspositie van hun krijgsmachten, met betrekking tot de in de Bondsrepubliek Duitsland gestationeerde buitenlandse krijgsmachten· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 1963