Naar hoofdinhoud
1. De leden van een krijgsmacht of van een civiele dienst en de gezinsleden kunnen, naast hun persoonlijke bagage en roerende goederen en hun particuliere motorvoertuigen, ook andere goederen bestemd voor hun persoonlijk of huishoudelijk gebruik of verbruik, vrij van rechten en andere invoerbelastingen invoeren. Dit voorrecht is niet alleen van toepassing op goederen die aan deze personen in eigendom toebehoren, doch ook op goederen die hun bij wijze van geschenk worden toegezonden of die aan hen worden geleverd uit hoofde van contracten die zij rechtstreeks met niet in de Bondsrepubliek of Berlijn (West) gevestigde personen hebben gesloten. 2. Voor bepaalde door de bevoegde Duitse autoriteiten aangegeven goederen die in het bijzonder voorwerp zijn van overtreding van douanevoorschriften, geldt het in het eerste lid neergelegde voorrecht slechts, indien die goederen door leden van een krijgsmacht, van een civiele dienst of door gezinsleden persoonlijk worden ingevoerd in de door hen medegevoerde bagage, en slechts in hoeveelheden die door de bevoegde Duitse autoriteiten in overeenstemming met de autoriteiten van de krijgsmacht zijn vastgesteld. 3. In twijfelgevallen zijn de Duitse douaneambtenaren gerechtigd overlegging van een schriftelijke verklaring te vorderen, waarin wordt verklaard dat de ingevoerde goederen bestemd zijn voor het persoonlijke of huishoudelijke gebruik of verbruik van de persoon die die goederen invoert. Dit is echter niet van toepassing ten aanzien van goederen waarvan de invoer in overeenstemming met het tweede lid is beperkt. Bedoelde verklaringen worden slechts afgegeven door een beperkt aantal beambten, die daartoe door de autoriteiten van de krijgsmacht speciaal zijn aangewezen en met wier namen en handtekeningen de Duitse autoriteiten in kennis gesteld zijn. 4. De leden van de krijgsmacht, van de civiele dienst en de gezinsleden mogen goederen die vrij van rechten zijn ingevoerd of met belastingvrijstelling zijn verworven onderling vervreemden. Overdracht aan andere personen is hun slechts na kennisgeving aan en goedkeuring van de Duitse autoriteiten toegestaan, voorzover deze autoriteiten geen uitzonderingen van algemene aard hebben toegelaten. 5. De douanecontrole op goederen die via post- of vrachtdiensten van een krijgsmacht worden verzonden door of aan de leden van de krijgsmacht, van de civiele dienst of gezinsleden wordt door de Duitse douane-autoriteiten uitgeoefend op plaatsen aangewezen in overleg tussen die autoriteiten en de bevoegde autoriteiten van de krijgsmacht. Het douane-onderzoek vindt plaats in het bijzijn van vertegenwoordigers van de autoriteiten van de krijgsmacht. Indien het voor de toepassing van de in artikel 69 vervatte voorschriften inzake deviezencontrole noodzakelijk blijkt in de veldpostkantoren van een krijgsmacht brieven en postpakketten verzonden door of aan leden van de krijgsmacht, van de civiele dienst of gezinsleden, aan een onderzoek te onderwerpen, moet de afzender of de ontvanger, dan wel een gemachtigde van een hunner, aanwezig zijn wanneer die brieven of pakketten worden geopend. De omvang van deze onderzoeken en de wijze waarop zij worden uitgevoerd, worden in overleg tussen de autoriteiten van de krijgsmacht en de Duitse autoriteiten vastgesteld. 6. De leden van een krijgsmacht, van een civiele dienst of gezinsleden kunnen door hen in de Bondsrepubliek ingevoerde goederen vrij van uitvoerrechten (Ausgangsabgaben) weder uitvoeren. Zij kunnen voorts goederen die hun in eigendom toebehoren en die niet voor de handel bestemd zijn, vrij van economische uitvoerverboden of -beperkingen en van uitvoerrechten, in met hun economische omstandigheden overeenkomende hoeveelheden, uitvoeren. In twijfelgevallen zijn de Duitse douane-autoriteiten gerechtigd overlegging van een schriftelijke verklaring te vorderen, waarin wordt verklaard dat aan deze voorwaarden is voldaan. Deze verklaring wordt afgegeven in overeenstemming met de voorschriften van de laatste volzin van het derde lid. 7. Indien de douanecontrole van leden van een krijgsmacht, van een civiele dienst of van gezinsleden plaatsvindt in een douanekantoor waarbij grensliaisonpersoneel van een krijgsmacht is geplaatst, schakelen de Duitse douanebeambten dit personeel in, indien overtredingen worden geconstateerd of moeilijkheden rijzen in verband met de controle.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel