**(1).** De nijverheids- of handelsvoordelen van een onderneming van een der Verdragsluitende Staten zijn vrijgesteld van belasting geheven door de andere Staat tenzij de onderneming in die andere Staat een vaste inrichting bezit. Indien de onderneming zulk een vaste inrichting bezit, mag die andere Staat belasting heffen van de nijverheids- of handelsvoordelen van de onderneming, maar slechts van dat deel daarvan dat aan de vaste inrichting kan worden toegerekend of dat in die andere Staat wordt behaald met de verkoop van goederen of koopwaar van dezelfde aard als welke worden verkocht, of met andere bedrijfshandelingen van dezelfde aard als welke worden verricht, door middel van de vaste inrichting.
**(2).** Indien een onderneming van een der Verdragsluitende Staten in de andere Staat een vaste inrichting bezit, worden in elk der Verdragsluitende Staten aan die vaste inrichting toegerekend de nijverheids- of handelsvoordelen, welke zij geacht zou kunnen worden te behalen indien zij een onafhankelijke onderneming ware, die dezelfde of soortgelijke werkzaamheden uitoefende onder dezelfde of soortgelijke omstandigheden en die als willekeurige derde transacties aanging met de onderneming, waarvan zij een vaste inrichting is. Indien de onderneming, behalve de voordelen behaald door middel van de vaste inrichting, andere voordelen behaalt van de in het eerste lid vermelde aard, worden die andere voordelen behandeld alsof zij door middel van de vaste inrichting waren behaald.
**(3).** Bij het bepalen van de nijverheids- of handelsvoordelen van een onderneming van een der Verdragsluitende Staten, die in de andere Staat overeenkomstig het eerste en het tweede lid belastbaar zijn, worden als aftrek toegelaten alle kosten, waar ook gemaakt, welke redelijkerwijs verband houden met de aldus belastbare voordelen, daaronder begrepen de kosten van de leiding en algemene administratiekosten.
**(4).** Geen voordelen worden aan een vaste inrichting toegerekend enkel op grond van de aankoop door die vaste inrichting of door de onderneming zelf, van goederen of koopwaar voor rekening van de onderneming.
**(5).** De uitdrukking „nijverheids- of handelsvoordelen” betekent inkomsten behaald met de actieve bedrijfsvoering, maar omvat niet inkomsten behandeld in Artikel VII (dividenden), Artikel VIII (interest), Artikel IX (royalty's), Artikelen V en X (inkomsten uit onroerende zaken en natuurlijke hulpbronnen), Artikel XI (vermogenswinsten) en Artikel XVI (persoonlijke diensten), andere dan inkomsten omschreven in de Artikelen VII, derde lid, VIII, tweede lid, IX, derde lid en XI, tweede lid. De uitdrukking „nijverheids- of handelsvoordelen” omvat mede voordelen behaald door een onderneming met het verlenen van diensten van werknemers of ander personeel.
Artikel III
Artikel III
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Staten van Amerika met betrekking tot belastingen van inkomsten en bepaalde andere belastingen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 8 juli 1966