Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 9

Artikel 47

Aflevering in geval van afgifte van een verhandelbaar vervoerdocument of verhandelbaar elektronisch vervoerbestand

Onderdeel van Verdrag van de Verenigde Naties inzake de overeenkomsten voor het internationaal vervoer van goederen geheel of gedeeltelijk over zee· Arbitrage

1. Wanneer een verhandelbaar vervoerdocument of verhandelbaar elektronisch vervoerbestand is afgegeven: heeft de houder van het verhandelbare vervoerdocument of verhandelbare elektronische vervoerbestand het recht van de vervoerder aflevering van de goederen te verlangen nadat deze op de plaats van bestemming zijn aangekomen, in welk geval de vervoerder de goederen op het tijdstip en de plaats zoals bedoeld in artikel 43 aan de houder zal afleveren: na overhandiging van het verhandelbare vervoerdocument en, indien de houder één van de in artikel 1, tiende lid, onderdeel a, onder i, bedoelde personen is, nadat de houder zich naar behoren heeft geïdentificeerd; of nadat de houder, in overeenstemming met de procedures bedoeld in artikel 9, eerste lid, heeft aangetoond dat hij de houder is van een verhandelbaar elektronisch vervoerbestand; weigert de vervoerder aflevering indien niet wordt voldaan aan de vereisten van onderdeel a, onder i of ii, van dit lid; kan, indien meer dan één origineel exemplaar van het verhandelbare vervoerdocument is afgegeven en het aantal originele exemplaren in dat document vermeld staat, met de overhandiging van één origineel exemplaar worden volstaan en hebben de overige originele exemplaren geen werking of geldigheid meer. Wanneer gebruik is gemaakt van een verhandelbaar elektronisch vervoerbestand, heeft dit document geen werking of geldigheid meer na aflevering van de goederen aan de houder in overeenstemming met de in artikel 9, eerste lid, vereiste procedures. 2. Onverminderd artikel 48, eerste lid, zijn, indien in het verhandelbare vervoerdocument of verhandelbare elektronische vervoerbestand uitdrukkelijk vermeld staat dat de goederen zonder overhandiging van het vervoerdocument of elektronische vervoerbestand mogen worden afgeleverd, de volgende regels van toepassing: Indien de goederen niet kunnen worden afgeleverd omdat i. de houder, na bericht van aankomst te hebben ontvangen, niet op het tijdstip of binnen het tijdsbestek bedoeld in artikel 43 van de vervoerder aflevering van de goederen vordert nadat de goederen op de plaats van bestemming zijn aangekomen, ii. de vervoerder aflevering weigert omdat de persoon die een houder zegt te zijn, nalaat zich naar behoren te identificeren als één van de personen bedoeld in artikel 1, tiende lid, onderdeel a, onder i, of iii. de vervoerder, na redelijke inspanningen, niet in staat is vast te stellen waar de houder zich bevindt om afleveringsinstructies te vragen, kan de vervoerder de afzender hiervan in kennis stellen en instructies vragen omtrent de aflevering van de goederen. Indien de vervoerder, na redelijke inspanningen, niet in staat is vast te stellen waar de afzender zich bevindt, kan de vervoerder de documentaire afzender hiervan in kennis stellen en instructies vragen omtrent de aflevering van de goederen; De vervoerder die de goederen aflevert op instructies van de afzender of documentaire afzender ingevolge het tweede lid, onderdeel a, van dit artikel, wordt ontheven van zijn verplichting de goederen uit hoofde van de vervoerovereenkomst aan de houder af te leveren, ongeacht of het verhandelbare vervoerdocument aan hem is overhandigd of de persoon die aflevering vordert uit hoofde van een verhandelbaar elektronisch vervoerbestand, in overeenstemming met de procedures bedoeld in artikel 9, eerste lid, heeft aangetoond de houder te zijn; De persoon die uit hoofde van het tweede lid, onderdeel a, van dit artikel instructies geeft, stelt de vervoerder schadeloos voor verlies dat voortvloeit uit het feit dat deze aansprakelijk wordt gesteld jegens de houder ingevolge het tweede lid, onderdeel e, van dit artikel. De vervoerder mag weigeren deze instructies op te volgen indien de persoon verzuimt voldoende zekerheid te stellen waarom de vervoerder redelijkerwijs kan verzoeken; Wanneer een persoon, na aflevering van de goederen door de vervoerder in overeenstemming met het tweede lid, onderdeel b, van dit artikel, houder wordt van het verhandelbare vervoerdocument of verhandelbare elektronische vervoerbestand ingevolge contractuele of andersoortige regelingen die vóór deze aflevering zijn getroffen, verkrijgt hij rechten tegen de vervoerder uit hoofde van de vervoerovereenkomst, met uitzondering van het recht aflevering van de goederen te vorderen; Niettegenstaande het tweede lid, onderdelen b en d, van dit artikel verkrijgt een houder die houder wordt na een dergelijke aflevering en geen kennis had van een dergelijke aflevering op het tijdstip waarop hij houder werd en evenmin redelijkerwijs over deze kennis had kunnen beschikken, de rechten die zijn vervat in het verhandelbare vervoerdocument of verhandelbare elektronische vervoerbestand. Wanneer in de overeenkomstgegevens de verwachte aankomsttijd van de goederen vermeld staat of is aangegeven hoe informatie verkregen kan worden of de goederen zijn afgeleverd, wordt de houder op het tijdstip waarop hij houder werd, vermoed kennis van de aflevering van de goederen te hebben gehad of redelijkerwijs over kennis daarvan te hebben kunnen beschikken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel