Naar hoofdinhoud
(1). Deze Conventie is van toepassing op alle werken, die op het ogenblik van haar inwerkingtreding nog niet gemeengoed zijn geworden in het Land van herkomst ten gevolge van het verstrijken van de beschermingsduur. (2). Indien echter een werk, ten gevolge van het verstrijken van de beschermingsduur, die daaraan vroeger was toegekend, gemeengoed is geworden in het Land waar de bescherming wordt ingeroepen, zal het daar niet opnieuw worden beschermd. (3). De toepassing van dit beginsel geschiedt overeenkomstig de bepalingen vervat in reeds bestaande of te dien einde tussen Landen van het Verbond te sluiten bijzondere verdragen. Bij gebreke van dergelijke bepalingen regelen de onderscheidene Landen, ieder voor zover het hem aangaat, de wijze van toepassing van dit beginsel. (4). De voorgaande bepalingen zijn gelijkelijk van toepassing in geval van nieuwe toetredingen tot het Verbond en in het geval, dat de bescherming mocht worden uitgebreid door toepassing van artikel 7 of door het prijsgeven van voorbehouden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel