Tijdens de duur der zittingen van de Raadgevende Vergadering genieten de vertegenwoordigers bij de Vergadering en haar plaatsvervangers, of zij parlementsleden zijn of niet:
op hun eigen grondgebied, de immuniteiten die worden toegekend aan leden van de volksvertegenwoordiging van dat land;
op het grondgebied van alle andere staten, die lid zijn van de Vergadering, vrijwaring voor arrestatie en vervolging.
Deze immuniteit geldt ook wanneer zij op weg zijn van of naar de plaats van samenkomst van de Raadgevende Vergadering. Dit geldt echter niet wanneer van de vertegenwoordigers en hun plaatsvervangers ontdekt wordt, dat zij een overtreding begaan, proberen te begaan of juist begaan hebben, evenmin in gevallen waarin de Vergadering de immuniteit heeft opgeheven.
TITEL V
Artikel 15
Artikel 15
Onderdeel van Algemeen Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Raad van Europa· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 10 september 1952