Naar hoofdinhoud

TITEL IV › HOOFDSTUK 4

Artikel 128

Tijdelijke bezoekers voor zaken

Onderdeel van Handelsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en Colombia en Peru, anderzijds· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 november 2024

1. De partijen streven, in overeenstemming met hun respectieve wetgeving, naar vergemakkelijking van de toegang van tijdelijke bezoekers voor zaken tot hun grondgebied en van hun verblijf aldaar voor het uitoefenen van de volgende activiteiten(39)De onder c) en d) vermelde activiteiten gelden uitsluitend respectievelijk tussen Colombia en de EU, en tussen Ecuador en de EU.: onderzoek en ontwerp: technische, wetenschappelijke en statistische onderzoekers namens een op het grondgebied van een andere partij gevestigde onderneming; marketingonderzoek: personeel dat onderzoek doet, waaronder marktonderzoek, of analyses maakt namens een op het grondgebied van een andere partij gevestigde onderneming; beurzen en tentoonstellingen: personeel dat op een beurs reclame maakt voor zijn onderneming of voor de producten of diensten van die onderneming; toerismepersoneel (vertegenwoordigers van hotels of reisbureaus, gidsen of reisorganisaties) dat een toerismecongres of -beurs bijwoont of daaraan deelneemt of een rondreis begeleidt die op het grondgebied van een andere partij is begonnen; mits bedoelde tijdelijke bezoekers: geen goederen of diensten aan het grote publiek verkopen of zelf geen goederen of diensten leveren; niet op eigen naam een beloning ontvangen van een bron binnen de Europese Unie of binnen een overeenkomstsluitende Andesland waar zij tijdelijk verblijven; geen diensten verlenen in het kader van een contract dat is gesloten tussen een rechtspersoon zonder commerciële aanwezigheid in de Europese Unie of in een overeenkomstsluitend Andesland waar zij tijdelijk voor zaken verblijven en een consument in de Europese Unie of een overeenkomstsluitend Andesland. 2. Wanneer voor tijdelijke bezoekers van een partij de toegang tot en het tijdelijke verblijf op het grondgebied van een andere partij is toegestaan, geldt dit voor maximaal negentig dagen binnen een periode van twaalf maanden.

Rechtspraak bij dit artikel