Opdat de afloop van het water van den polder de Hetter, zonder aan het naburig grondgebied der Nederlanden te schaden, plaats grijpe, zal in den zomerdam de klein Netterden een gemetseld sluisje met twee wel gesloten valdeuren worden gemaakt.
De opening der afwatering zal zijn van 4 tot 5 voeten (Rijnlandsche maat), en de grond of de bodem zal niet lager dan een voet beneden dien der groote sluis van Nieder-Hetter, nabij den Leeuwenberg, in den Hoofd-Rijndijk, boven Emmerik, worden gelegd.
Noch de muren, noch de waterkeering der nieuwe sluis van Klein Netterden, zullen immer beneden de tegenwoordige hoogte van gezegden zomerdam van Netterden mogen zijn, gelijkstaande aan n°. 13 voet der pijlschaal, die op dit oogenblik aan den kant opwaarts van gezegde groote sluis van Leeuwenberg bestaat.
Artikel 20
Artikel 20
Onderdeel van Grenstractaat tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk Pruisen· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 3 december 1816