Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Verzoeken en antwoorden

Onderdeel van Verdrag inzake de overbrenging van gevonniste personen tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Cuba· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 6 april 2017

1. De verzoeken tot overbrenging uit hoofde van dit Verdrag en de antwoorden daarop geschieden schriftelijk. Elektronische communicatiemiddelen mogen worden gebruikt onder voorwaarden die de ontvangende staat in staat stellen de authenticiteit vast te stellen en mits de communicatie schriftelijk kan worden vastgelegd. 2. De verzoeken worden door het ministerie van Justitie van de verzoekende staat rechtstreeks aan het ministerie van Justitie van de aangezochte staat gericht. De beantwoording van de verzoeken en alle overige correspondentie tussen beide staten verlopen eveneens rechtstreeks tussen de ministeries van Justitie.

Rechtspraak bij dit artikel