Monsters en modellen, welke onderhevg zijn aan invoerrechten en niet door een verbod worden getroffen, zullen, wanneer zij worden ingevoerd door fabrikanten of kooplieden, gevestigd in een van de Verdragstaten, hetzij dit persoonlijk, hetzij door tusschenkomst van handelsreizigers geschiedt, met voorloopige vrijstelling van rechten worden toegelaten op het grondgebied van ieder van de Verdragstaten, onder voorbehoud, dat het voor de invoerrechten verschuldigde bedrag worde gestort, of zekerheid worde gesteld voor eventueele betaling van deze rechten.
Om van dit voorrecht gebruik te kunnen maken, moeten de fabrikanten of kooplieden en handelsreizigers zich gedragen overeenkomstig de wetten, reglementen en douaneformaliteiten, welke door de genoemde Staten ter zake zijn vastgesteld; deze wetten en reglementen zullen aan de betrokkenen de verplichting kunnen opleggen, voorzien te zijn van een legitimatie-kaart.
Voor de toepassing van dit artikel worden als monsters of modellen beschouwd alle voorwerpen, bestemd om een bepaalde koopwaar weer te geven, echter onder voorbehoud eerstens, dat het mogelijk is deze voorwerpen behoorlijk te identificeeren, wanneer zij weder worden uitgevoerd, en ten tweede, dat de invoer dier voorwerpen niet in zoodanige hoeveelheden of waarden plaats heeft, dat zij in hun geheel genomen niet meer het gebruikelijke karakter van monsters hebben.
De douane-autoriteiten van elk van de Verdragstaten zullen ten aanzien van de latere herkenning der monsters of modellen genoegen nemen met de merken, die er op zijn aangebracht door de douane-autoriteiten van een anderen Verdragstaat, mits deze monsters of modellen vergezeld zijn van een beschrijvende lijst, welke door de douane-autoriteiten van dien laatsten Staat is gewaarmerkt. Intusschen zullen aanvullende merken kunnen worden aangebracht op de monsters of modellen, door de douane-beambten van het land van invoer in alle gevallen, waarin deze zoodanigen aanvullenden waarborg noodzakelijk zouden achten om de herkenning van de monsters of modellen bij den wederuitvoer te verzekeren. Buiten dit laatste geval zal de verificatie door de douane uitsluitend bestaan in het vaststellen van de identiteit van de monsters en in het bepalen van het bedrag der rechten en kosten, die eventueel geëischt kunnen worden.
De termijn voor wederuitvoer is bepaald op minstens zes maanden, behoudens de bevoegdheid tot verlenging, welke is toegekend aan de douane-administratie van het land van invoer. Wanneer de toegestane termijn is verstreken, zal betaling van rechten over de monsters, die niet weder zijn uitgevoerd, worden verlangd.
Terugbetaling van rechten, gestort bij invoer of opheffing van de gestelde zekerheid in zake de betaling van die rechten, zal onverwijld geschieden bij alle kantoren aan de grens of binnen in het land, waaraan de noodige bevoegdheid daartoe zal zijn verleend, en wel eventueel onder aftrek van de rechten voor de monsters of modellen, die niet voor wederuitvoer zijn aangeboden. De Verdragstaten zullen de lijst van de kantoren, waaraan zoodanige bevoegdheid is verleend, bekend maken.
Ingeval een legitimatiekaart wordt vereischt, moet deze overeenkomen met het model, dat als bijlage is gevoegd bij dit artikel, en worden afgegeven door een autoriteit, te dien einde aangewezen door den Staat, waar de fabrikanten of kooplieden hunne onderneming gevestigd hebben. Op voorwaarde van wederkeerigkeid zullen de legitimatiekaarten vrijgesteld zijn van een consulair of ander visum, met uitzondering van het geval, dat een Staat zou aantoonen, dat bijzondere of uitzonderingsomstandigheden hem verplichten een zoodanig visum te eischen. In zoodanig geval zullen de kosten van het visum op een zoo laag mogelijk bedrag moeten worden gesteld en de kosten der afgifte niet te boven mogen gaan.
De Verdragstaten zullen elkander rechtstreeks binnen zoo kort mogelijken termijn mededeeling doen van de lijst van de autoriteiten, waaraan de bevoegdheid wordt toegekend tot de afgifte van legitimatiekaarten; zij zullen eveneens hiervan mededeeling doen aan het Secretariaat van den Volkenbond.
In afwachting van de totstandkoming van het bovenomschreven stelsel, zullen de faciliteiten, die de Staten thans reeds verleenen, niet beperkt worden.
De bepalingen van dit artikel, met uitzondering van die, welke betrekking hebben op legitimatiekaarten, zijn op de monsters en modellen, die onderworpen zijn aan invoerrechten, niet onderhevig zijn aan invoerverboden, en ingevoerd worden door de fabrikanten, handelaars of handelsreizigers, gevestigd in één van de Verdragstaten, ook dan toepasselijk, wanneer deze fabrikanten, handelaars of handelsreizigers de monsters of modellen niet vergezellen.
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Internationaal Verdrag voor de vereenvoudiging van douaneformaliteiten· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 28 augustus 1925