Dit Verdrag laat het beginsel onaangetast, dat de in artikel 3 bedoelde feiten in ieder land, zonder dat daaraan ooit straffeloosheid verzekerd zij, aangemerkt, vervolgd en bestraft moeten worden overeenkomstig de algemeene regels van de binnenlandsche wetgeving.
Deel I
Artikel 18
Artikel 18
Onderdeel van Verdrag ter bestrijding van de valsemunterij· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 29 juli 1932