**1.** De bevoegde autoriteiten van de Verdragsluitende Partijen wisselen informatie uit die naar verwachting van belang zal zijn ten behoeve van de uitvoering en handhaving van de binnenlandse wetgeving van de Verdragsluitende Partijen ter zake van belastingen waarop dit Verdrag van toepassing is, met inbegrip van informatie ter bepaling, vaststelling en inning van belasting, de invordering en tenuitvoerlegging van belastingvorderingen of het onderzoek naar of de vervolging van belastingdelicten of delicten waarbij inbreuk wordt gemaakt op de belastingwetgeving.
**2.** De bevoegde autoriteit van de aangezochte Partij verstrekt op verzoek van de bevoegde autoriteit van de verzoekende Partij informatie ten behoeve van de in het eerste lid bedoelde doeleinden. Indien de in de belastingadministratie van de aangezochte Partij beschikbare informatie niet voldoende is om aan het verzoek te voldoen, treft die Partij alle ter zake dienende maatregelen, waaronder dwangmaatregelen, om de verzoekende Partij de verzochte informatie te verstrekken.
De aangezochte Partij heeft de bevoegdheid:
boeken, papieren, stukken of andere zaken te onderzoeken die relevant of belangrijk kunnen zijn voor een dergelijk onderzoek;
personen te horen die kennis hebben van informatie of informatie bezitten, onder hun hoede hebben of beheersen die relevant of belangrijk kan zijn voor een dergelijk onderzoek;
personen die informatie bezitten, onder hun hoede hebben of beheersen die relevant of belangrijk kan zijn voor een dergelijk onderzoek, te dwingen op een bepaalde tijd en plaats te verschijnen en boeken, papieren, stukken of andere zaken over te leggen;
zorg te dragen voor een ondertekende verklaring van een krachtens zijn functie, autoriteit en kennis gekwalificeerde persoon omtrent de authenticiteit van dergelijke boeken, papieren, stukken of andere zaken, terzake waarvan, indien zij valselijk zouden zijn vervaardigd, de persoon die de verklaring heeft afgelegd, uit hoofde van de wetgeving van de aangezochte Partij strafbaar zou zijn; en
een natuurlijke persoon die kennis heeft van informatie die relevant of belangrijk kan zijn voor een dergelijk onderzoek, te dwingen op een bepaalde tijd en plaats te verschijnen en een verklaring af te leggen in omstandigheden waardoor, indien de verklaring valselijk zou worden afgelegd, de natuurlijke persoon uit hoofde van de wetgeving van de aangezochte Partij strafbaar zou zijn.
Voorrechten ingevolge de wetten of gebruiken van de verzoekende Partij zijn niet van toepassing bij de uitvoering van een verzoek, maar beslissingen daaromtrent zijn voorbehouden aan de verzoekende Partij.
**3.** De aangezochte Partij verstrekt de ingevolge de bepalingen van dit artikel verzochte informatie ongeacht of de aangezochte Partij deze informatie ten behoeve van haar eigen belasting nodig heeft. Bovendien is de aangezochte Partij, indien die daarom specifiek wordt verzocht door de bevoegde autoriteit van de verzoekende Partij, gehouden:
de tijd en plaats aan te duiden voor het afnemen van de verklaring of de overlegging van boeken, papieren, stukken en andere zaken;
de aanwezigheid toe te staan van natuurlijke personen die door de bevoegde autoriteit van de verzoekende Partij worden aangemerkt als zijnde betrokken bij of getroffen door de uitvoering van het verzoek, met inbegrip van een verdachte, een raadsman voor de verdachte, natuurlijke personen die belast zijn met de tenuitvoerlegging en handhaving van de binnenlandse wetgeving van de verzoekende Partij waarop dit Verdrag van toepassing is en een gevolmachtigde of magistraat aanwezig ten behoeve van uitspraken inzake bewijskracht of het nemen van beslissingen ten aanzien van voorrechten ingevolge de wetgeving van de verzoekende Partij;
natuurlijke personen die aanwezig mogen zijn de gelegenheid te bieden rechtstreeks of via het uitvoerend orgaan de natuurlijke persoon die een verklaring aflegt of die boeken, papieren, stukken en andere zaken overlegt, te ondervragen;
originele en ongeredigeerde boeken, papieren, stukken en andere zaken veilig te stellen;
eensluidende en juiste afschriften van originele en ongeredigeerde boeken, papieren en stukken veilig te stellen of te overleggen;
de echtheid van boeken, papieren, stukken en andere overgelegde zaken vast te stellen;
de natuurlijke persoon die de boeken, papieren, stukken en andere zaken overlegt, te verhoren met betrekking tot het doel waarvoor en de wijze waarop het overgelegde materiaal is of werd bijgehouden;
de bevoegde autoriteit van de verzoekende Partij toe te staan schriftelijke vragen te verschaffen die de natuurlijke persoon die de boeken, papieren, stukken en andere zaken overlegt, moet beantwoorden met betrekking tot het overgelegde materiaal;
van een krachtens zijn functie, autoriteit en kennis gekwalificeerde persoon omtrent de echtheid (zie f) van dergelijke boeken, papieren, stukken of andere zaken een ondertekende verklaring te verkrijgen, terzake waarvan, indien zij valselijk zouden zijn vervaardigd, de persoon die de verklaring heeft afgelegd, uit hoofde van de wetgeving van de aangezochte Partij strafbaar zou zijn;
te waarborgen dat de natuurlijke persoon die de verklaring aflegt, zulks doet onder omstandigheden waardoor deze, indien deze de verklaring valselijk zou afleggen, uit hoofde van de wetgeving van de aangezochte Partij strafbaar zou zijn en dat de persoon er blijk van geeft van deze omstandigheden op de hoogte te zijn;
elke andere handeling te verrichten die niet in strijd is met de wetgeving of de bestuurlijke praktijk van de aangezochte Partij; en
te verklaren dat de door de bevoegde autoriteit van de verzoekende Partij verlangde procedures zijn gevolgd dan wel dat de verlangde procedures niet konden worden gevolgd, met uitleg van de afwijking en de reden daarvan.
**4.** De bepalingen van de voorgaande leden mogen niet zodanig worden uitgelegd dat voor een Verdragsluitende Partij de verplichting ontstaat:
administratieve maatregelen te nemen die in strijd zijn met de wetgeving en bestuurlijke praktijk van die Partij of van de andere Verdragsluitende Partij;
bepaalde informatie te verschaffen die niet verkrijgbaar is uit hoofde van:
de wetgeving of de normale bestuurlijke gang van zaken bij die Partij; of
de wetgeving of de normale bestuurlijke gang van zaken bij de andere Partij;
informatie te verstrekken waardoor een handelsgeheim, zakelijk geheim, industrieel, commercieel of beroepsgeheim of handelsproces zou worden onthuld;
informatie te verschaffen waarvan de onthulling in strijd zou zijn met de openbare orde;
door de verzoekende Partij verlangde informatie te verstrekken voor de uitvoering of handhaving van een bepaling van de belastingwet van de verzoekende Partij, of een daarmee verband houdend vereiste, hetgeen discriminatie inhoudt van een onderdaan van de aangezochte Partij. Een bepaling van een belastingwet of een daarmee verband houdend vereiste wordt geacht discriminerend te zijn tegenover een onderdaan van de aangezochte Partij indien deze of dit onder dezelfde omstandigheden zwaarder is ten aanzien van een onderdaan van de aangezochte Partij dan voor een onderdaan van de verzoekende Staat, in het bijzonder ten aanzien van belasting van wereldwijd vergaard inkomen;
niettegenstaande de onderdelen a tot en met e van dit lid is de aangezochte Partij gerechtigd via haar bevoegde autoriteit informatie te verkrijgen en te verstrekken die berust bij financiële instellingen, gevolmachtigden of personen die bij wijze van vertegenwoordiging of als vertrouwenspersoon optreden (niet omvattende informatie waardoor vertrouwelijke communicatie tussen een cliënt en een advocaat of een andere juridische vertegenwoordiger wanneer de cliënt juridisch advies vraagt, zou worden onthuld), of informatie met betrekking tot het eigen vermogen van een persoon.
**5.** Behoudens het bepaalde in het vierde lid worden de bepalingen van de voorgaande leden zodanig uitgelegd dat op een Verdragsluitende Partij de verplichting rust een verzoek naar beste kunnen uit te voeren en hierbij alle wettige middelen te gebruiken. Een Verdragsluitende Partij kan, naar eigen goeddunken, maatregelen nemen ter verkrijging van en verzending naar de andere Partij van informatie die zij ingevolge het vierde lid niet verplicht is te verzenden.
**6.** De bevoegde autoriteit van de aangezochte Partij staat vertegenwoordigers van de verzoekende Partij toe de aangezochte Partij binnen te komen om natuurlijke personen te horen en met de instemming van de desbetreffende natuurlijke personen boeken en stukken te onderzoeken.
**7.** Alle informatie die door een Verdragsluitende Partij wordt ontvangen wordt als geheim behandeld op dezelfde wijze als informatie die krachtens de nationale wetgeving van die Partij wordt verkregen en wordt uitsluitend onthuld aan natuurlijke personen of autoriteiten (met inbegrip van rechterlijke en bestuurlijke instanties) die betrokken zijn bij de bepaling, vaststelling, inning en de administratie van, de invordering en inning van vorderingen afgeleid van, de handhaving of vervolging met betrekking tot of de beoordeling van beroepen ten aanzien van de belastingen die het voorwerp van dit Verdrag vormen, of bij het toezicht hierop. Deze natuurlijke personen of autoriteiten mogen alleen voor deze doeleinden van de informatie gebruik maken. Zij mogen de informatie bekendmaken in openbare rechtszittingen of in rechterlijke beslissingen.
**8.** Teneinde aan te tonen welk belang zij meent te hebben bij de gevraagde informatie, dient de verzoekende Partij ten minste de volgende informatie te verschaffen:
de identiteit van de persoon op wie de controle of het onderzoek betrekking heeft; en
het fiscale doel waarvoor om inlichtingen wordt verzocht.
Artikel 4
Uitwisseling van informatie
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden, ten behoeve van Aruba, en de Verenigde Staten van Amerika inzake de uitwisseling van informatie met betrekking tot belastingen· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 13 september 2004