Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK V

Artikel 19

Rechtsmacht

Onderdeel van Verdrag van de Raad van Europa inzake de manipulatie van sportwedstrijden· Strafrecht

1. Elke partij neemt de wetgevende of andere maatregelen die nodig kunnen zijn om haar rechtsmacht te vestigen met betrekking tot de strafbare feiten bedoeld in de artikelen 15 tot en met 17 van dit Verdrag, indien een dergelijk strafbaar feit wordt gepleegd: op haar grondgebied; of aan boord van een schip dat onder haar vlag vaart; of aan boord van een overeenkomstig haar wetgeving ingeschreven luchtvaartuig; of door een van haar onderdanen of een persoon die gewoonlijk op haar grondgebied verblijft. 2. Elke staat of de Europese Unie kan, op het tijdstip van ondertekening of bij de nederlegging van zijn of haar akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring, door middel van een verklaring gericht aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa verklaren dat hij of zij zich het recht voorbehoudt de regels betreffende rechtsmacht vastgesteld in het eerste lid, onderdeel d, van dit artikel, niet toe te passen of slechts in specifieke gevallen of onder specifieke omstandigheden toe te passen. 3. Elke partij neemt de wetgevende of andere maatregelen die nodig zijn om haar rechtsmacht te vestigen met betrekking tot de strafbare feiten bedoeld in de artikelen 15 tot en met 17 van dit Verdrag in gevallen waarin een vermoedelijke dader zich op haar grondgebied bevindt en zij die persoon op grond van zijn of haar nationaliteit niet kan uitleveren aan een andere partij. 4. Wanneer meer dan een partij rechtsmacht opeist met betrekking tot een vermoedelijk strafbaar feit bedoeld in de artikelen 15 tot en met 17 van dit Verdrag, raadplegen de betrokken partijen, wanneer dat passend is, elkaar teneinde te bepalen wier rechtsmacht het meest geëigend is ten behoeve van vervolging. 5. Onverminderd de algemene regels van internationaal recht, sluit dit Verdrag geen strafrechtelijke, civiele en bestuursrechtelijke rechtsmacht uit in strafzaken die een partij in overeenstemming met haar nationale recht uitoefent.

Rechtspraak bij dit artikel