Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK IX

Artikel 37

Voorbehouden

Onderdeel van Verdrag van de Raad van Europa inzake de manipulatie van sportwedstrijden· Strafrecht

1. Door middel van een schriftelijke kennisgeving gericht aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa kan een staat of de Europese Unie op het tijdstip van ondertekening of bij de nederlegging van zijn of haar akte van bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring verklaren dat hij of zij gebruikmaakt van de voorbehouden voorzien in artikel 19, tweede lid, en artikel 36, eerste lid. Andere voorbehouden zijn niet toegestaan. 2. Elke partij die een voorbehoud heeft gemaakt krachtens het eerste lid, kan dat geheel of gedeeltelijk intrekken door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte kennisgeving. De intrekking wordt van kracht op de datum van ontvangst van deze kennisgeving door de Secretaris-Generaal. Indien in de kennisgeving wordt vermeld dat de intrekking van een voorbehoud van kracht moet worden op een daarin nader aangeduide datum, en deze datum later valt dan de datum waarop de kennisgeving door de Secretaris-Generaal wordt ontvangen, wordt de intrekking op die latere datum van kracht. 3. Een partij die een voorbehoud heeft gemaakt, trekt dit voorbehoud geheel of ten dele in zodra de omstandigheden dit toelaten. 4. De Secretaris-Generaal van de Raad van Europa kan met regelmatige tussenpozen bij de partijen die een of meerdere voorbehouden hebben gemaakt, informeren naar de mogelijke intrekking daarvan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel