Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK EENENTWINTIG

Artikel 21.6

Forum voor samenwerking op regelgevingsgebied

Onderdeel van Brede Economische en Handelsovereenkomst tussen Canada, enerzijds, en de Europese Unie en haar lidstaten, anderzijds· Financieel en economisch recht

1. Een forum voor samenwerking op regelgevingsgebied („RCF”) wordt ingesteld overeenkomstig artikel 26.2 (Gespecialiseerde comités), lid 1, onder h), om samenwerking op regelgevingsgebied tussen de partijen overeenkomstig dit hoofdstuk te vergemakkelijken en te bevorderen. 2. Het RCF heeft de volgende taken: een forum bieden voor het bespreken van kwesties inzake regelgevingsbeleid van wederzijds belang die de partijen in kaart hebben gebracht door onder meer overeenkomstig artikel 21.8 gevoerd overleg; individuele regelgevers helpen bij het in kaart brengen van mogelijke partners voor samenwerkingsactiviteiten en voor hen voorzien in adequate instrumenten, zoals modelgeheimhoudingsovereenkomsten; lopende of verwachte regelgevingsinitiatieven onderzoeken wanneer een partij daarin potentieel voor samenwerking ziet. Deze onderzoeken, die worden uitgevoerd in overleg met regelgevende ministeries en instanties, dragen bij tot de uitvoering van de bepalingen van dit hoofdstuk; en de ontwikkeling van bilaterale samenwerkingsactiviteiten overeenkomstig artikel 21.4 aanmoedigen en op basis van informatie van regelgevende ministeries en instanties, de vooruitgang, de successen en de optimale werkwijzen van samenwerkingsinitiatieven op regelgevingsgebied in specifieke sectoren evalueren. 3. Het RCF wordt gezamenlijk voorgezeten door een hoge vertegenwoordiger van de regering van Canada op het niveau van een viceminister, van gelijkwaardige rang of als zodanig aangewezen, en door een hoge vertegenwoordiger van de Europese Commissie op het niveau van een directeur-generaal, van gelijkwaardige rang of als zodanig aangewezen, en omvat bevoegde ambtenaren van elke partij. De partijen kunnen in onderlinge overeenstemming andere belanghebbenden uitnodigen om deel te nemen aan de bijeenkomsten van het RCF. 4. Het RCF: stelt bij zijn eerste bijeenkomst na de inwerkingtreding van deze overeenkomst zijn mandaat, procedures en werkplan vast; komt bijeen binnen één jaar na de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst en vervolgens ten minste eenmaal per jaar, tenzij de partijen anders besluiten; en brengt over de uitvoering van de bepalingen van dit hoofdstuk in voorkomend geval verslag uit aan het Gemengd Comité voor de CETA.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel