**1.** Indien de partij waartegen de klacht is gericht, niet voor afloop van de redelijke termijn kennis geeft van een maatregel die zij heeft getroffen om het eindverslag van het arbitragepanel na te leven, of indien het arbitragepanel oordeelt dat er geen dergelijke maatregel is getroffen of dat de maatregel waarvan overeenkomstig artikel 329, lid 1, kennis is gegeven, niet verenigbaar is met de verplichtingen van de partij krachtens de bepalingen van deze titel, biedt de partij waartegen de klacht is gericht de klagende partij, op verzoek van en na overleg met deze laatste, een compensatie aan.
**2.** Indien de klagende partij besluit niet om een aanbod voor tijdelijke compensatie als bedoeld in lid 1 van dit artikel te verzoeken of, wanneer zij wel daarom verzoekt maar de partijen geen akkoord over compensatie bereiken binnen 30 dagen na afloop van de redelijke termijn of de kennisgeving van de uitspraak van het arbitragepanel op grond van artikel 329, lid 2, heeft de klagende partij het recht, na kennisgeving aan de andere partij en het Partnerschapscomité, de verplichtingen uit hoofde van de bepalingen van deze titel op te schorten. In de kennisgeving wordt gespecificeerd in welke mate de verplichtingen worden opgeschort. Deze mate stemt overeen met de mate waarin de schending de voordelen voor de klagende partij tenietdoet of beperkt. De klagende partij mag de opschorting 10 dagen na de datum van ontvangst van de kennisgeving door de partij waartegen de klacht gericht is, toepassen, tenzij de partij waartegen de klacht gericht is, uit hoofde van lid 3 van dit artikel een verzoek tot arbitrage heeft ingediend.
**3.** Indien de partij waartegen de klacht gericht is, van oordeel is dat de geplande mate van opschorting van de verplichtingen niet overeenstemt met de mate waarin de schending de voordelen voor de andere partij tenietdoet of beperkt, kan zij het oorspronkelijke arbitragepanel schriftelijk verzoeken hierover uitspraak te doen. Dit verzoek wordt voor het verstrijken van de in lid 2 bedoelde periode van 10 dagen meegedeeld aan de klagende partij en aan het Partnerschapscomité. Het oorspronkelijke arbitragepanel maakt zijn verslag over de mate van opschorting van verplichtingen binnen 30 dagen na indiening van het verzoek aan de partijen en het Partnerschapscomité bekend. De verplichtingen worden niet opgeschort voordat het oorspronkelijke arbitragepanel zijn verslag heeft bekendgemaakt. De opschorting stemt overeen met de mate van opschorting die in het verslag van het arbitragepanel wordt aangegeven.
**4.** De opschorting van de verplichtingen en de in dit artikel voorziene compensatie zijn van tijdelijke aard en mogen niet meer worden toegepast nadat:
de partijen ingevolge artikel 334 tot een onderling overeengekomen oplossing zijn gekomen;
de partijen zijn overeengekomen dat de maatregel waarvan overeenkomstig artikel 329, lid 1, is kennis gegeven, ertoe leidt dat de partij waartegen de klacht is gericht, in overeenstemming is met de bepalingen van deze titel; of
de maatregel waarvan het arbitragepanel overeenkomstig artikel 329, lid 2, heeft vastgesteld dat deze niet verenigbaar is met de bepalingen van deze titel, is ingetrokken of gewijzigd zodat de maatregel met die bepalingen in overeenstemming is gebracht.
TITEL VI › HOOFDSTUK 13 › AFDELING C › ONDERAFDELING II
Artikel 330
Tijdelijke maatregelen bij niet-naleving
Onderdeel van Brede en versterkte Partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Armenië, anderzijds· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 maart 2021