Naar hoofdinhoud

TITEL VI › HOOFDSTUK 13 › AFDELING C › ONDERAFDELING II

Artikel 331

Onderzoek van nalevingsmaatregelen die zijn getroffen na vaststelling van tijdelijke maatregelen bij niet-naleving

Onderdeel van Brede en versterkte Partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en hun lidstaten, enerzijds, en de Republiek Armenië, anderzijds· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 maart 2021

1. De partij waartegen de klacht gericht is, stelt de klagende partij en het Partnerschapscomité in kennis van de maatregelen die zij heeft getroffen om na de schorsing van concessies of na de toepassing van tijdelijke compensatie, naargelang het geval, het verslag van het arbitragepanel na te leven. Behalve in de in lid 2 bedoelde gevallen beëindigt de klagende partij de schorsing van concessies binnen 30 dagen na ontvangst van de kennisgeving. In de gevallen waarin compensatie is geboden, met uitzondering van de in lid 2 bedoelde gevallen, kan de partij waartegen de klacht gericht is, binnen 30 dagen na haar kennisgeving dat zij heeft voldaan aan het verslag van het arbitragepanel, die compensatie beëindigen. 2. Indien de partijen binnen 30 dagen na de datum van ontvangst van de kennisgeving geen overeenstemming bereiken over de vraag of de maatregel waarvan is kennisgegeven, ertoe leidt dat de partij waartegen de klacht gericht is, in overeenstemming met de bedoelde bepalingen handelt, verzoekt de klagende partij het oorspronkelijke arbitragepanel schriftelijk hierover uitspraak te doen. Dit verzoek wordt tegelijkertijd aan de andere partij en aan het Partnerschapscomité meegedeeld. Het arbitragepanel legt zijn verslag binnen 45 dagen na de indiening van het verzoek voor aan de partijen en aan het Partnerschapscomité. Indien het arbitragepanel oordeelt dat de maatregel die is getroffen om de uitspraak na te leven in overeenstemming is met de bepalingen van deze titel, wordt de opschorting van de verplichtingen of de compensatie, naargelang het geval, beëindigd. Indien het arbitragepanel oordeelt dat de maatregel waarvan de partij waartegen de klacht gericht is, kennis heeft gegeven uit hoofde van lid 1, niet in overeenstemming is met de bepalingen van deze titel, wordt de mate van opschorting van de verplichtingen of van de compensatie, naargelang het geval, aangepast in het licht van het verslag van het arbitragepanel.

Rechtspraak bij dit artikel