Naar hoofdinhoud

Artikel 11

Inwerkingtreding, wijziging en beëindiging

Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van Australië inzake olievoorraadovereenkomsten· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 19 oktober 2018

1. Elke verdragsluitende partij stelt de andere verdragsluitende partij schriftelijk langs diplomatieke weg in kennis wanneer aan hun nationale vereisten voor de inwerkingtreding van dit Verdrag is voldaan. Dit Verdrag treedt in werking op de datum van de laatste van deze kennisgevingen en blijft van kracht tenzij het wordt beëindigd in overeenstemming met het derde lid van dit artikel. 2. Dit Verdrag kan met wederzijdse instemming van de partijen schriftelijk worden gewijzigd. Elke partij stelt de andere partij schriftelijk langs diplomatieke weg in kennis van de voltooiing van hun nationale vereisten voor de inwerkingtreding van de wijzigingen van het Verdrag. Wijzigingen treden in werking in overeenstemming met het eerste lid van dit artikel. 3. Het Verdrag kan door elke partij worden opgezegd door de andere partij daarvan ten minste twaalf (12) maanden van tevoren langs diplomatieke weg schriftelijk in kennis te stellen. 4. Geen van beide partijen oefent de in het derde lid van dit artikel vervatte bevoegdheid tot beëindiging uit tijdens een noodsituatie op het gebied van de voorziening.

Rechtspraak bij dit artikel