**1.** Geen van beide partijen bij de overeenkomst mag diplomatieke bescherming verlenen of een internationale vordering instellen met betrekking tot een geschil dat door een van haar investeerders en de andere partij bij de overeenkomst in onderlinge overeenstemming aan geschillenbeslechting in het kader van deze afdeling zal worden onderworpen of is onderworpen, tenzij de andere partij bij de overeenkomst de in dat geschil gedane uitspraak niet heeft geëerbiedigd of daaraan niet heeft voldaan. Voor de toepassing van dit lid omvat „diplomatieke bescherming” geen informele diplomatieke uitwisselingen die uitsluitend tot doel hebben de beslechting van het geschil te vergemakkelijken.
**2.** Voor alle duidelijkheid: lid 1 sluit niet uit dat een partij bij de overeenkomst in verband met een algemeen toepasselijke maatregel een beroep kan doen op geschillenbeslechtingsprocedures krachtens hoofdstuk drie (Geschillenbeslechting), afdeling B (Beslechting van geschillen tussen partijen bij overeenkomst) ook indien wordt gesteld dat die maatregel de overeenkomst heeft geschonden met betrekking tot een specifieke investering ten aanzien waarvan een procedure is ingeleid overeenkomstig artikel 3.6 (Indiening van verzoeken bij het Gerecht) laat artikel 3.17 (Niet bij geschil betrokken partij bij overeenkomst) onverlet.
HOOFDSTUK DRIE › AFDELING A
Artikel 3.23
Rol van partijen bij overeenkomst
Onderdeel van Investeringsbeschermingsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Republiek van Singapore, anderzijds· Financieel en economisch recht