Naar hoofdinhoud

Artikel V

INWERKINGTREDING, WERKINGSDUUR, HERZIENINGEN EN GELDIGHEID

Onderdeel van Verklaring van bepaalde Europese Regeringen inzake de exploitatiefase van de lanceervoertuigen Ariane, Vega en Sojoez vanaf het Ruimtecentrum in Guyana· Onderwijsrecht

1. Deze Verklaring treedt in werking op de datum waarop twee derde van de Partijen bij de Verklaring van 2007 de Directeur-Generaal van ESA schriftelijk ervan in kennis stellen dat zij ermee instemmen Partij te worden bij deze Verklaring. Indien deze Verklaring alsmede eventuele latere herzieningen niet binnen een termijn van twee jaar na het definitief vaststellen ervan van kracht zijn geworden, wordt er door de Directeur-Generaal van ESA een vergadering bijeengeroepen van de Staten die Partij zijn bij de Verklaring van 2007 die deze Verklaring definitief hebben vastgesteld en voornemens zijn Partij te worden, om mogelijke maatregelen te evalueren om deze situatie het hoofd te bieden. Ter voorkoming van twijfel: i. de Verklaring van 2007 blijft van kracht en bindend voor de Partijen bij de Verklaring van 2007 die geen Partij worden bij deze Verklaring; en ii. deze Verklaring heeft voorrang boven de Verklaring van 2007 voor die Partijen bij de Verklaring van 2007 die Partij worden bij deze Verklaring. 2. De Helleense Republiek, de Republiek Polen, de Portugese Republiek en Roemenië kunnen toetreden tot deze Verklaring door de Directeur-Generaal van het Agentschap ervan in kennis te stellen dat zij ermee instemmen Partij te worden. Deze Verklaring is bindend voor dergelijke lidstaten 30 dagen na de datum waarop zij de Directeur-Generaal van het Agentschap er respectievelijk van in kennis hebben gesteld dat zij ermee instemmen Partij te worden. Deze Staten worden dan beschouwd als Partijen bij deze Verklaring. 3. Deze Verklaring staat open voor toetreding door elke nieuwe Staat die lid wordt van het Europees Ruimte-Agentschap en hierom verzoekt. Een dergelijk verzoek om toetreding wordt gericht aan de Directeur-Generaal van het Agentschap en vereist de instemming van alle Partijen bij deze Verklaring. Deze Verklaring is bindend voor een lidstaat die ertoe is toegetreden 30 dagen na de datum waarop hij de Directeur-Generaal van het Agentschap in kennis stelt van zijn toetreding. 4. Deze Verklaring is van toepassing vanaf de datum van de inwerkingtreding ervan overeenkomstig bovenstaand artikel V.1 tot en met ultimo 2035. De bepalingen van deze Verklaring blijven ook na de vervaldatum van toepassing teneinde, al naargelang van toepassing, de uitvoering van lanceercontracten die de leverancier van lanceerdiensten tot en met ultimo 2035 afsluit, mogelijk te maken. De Partijen bij deze Verklaring nodigen de Directeur-Generaal van het Agentschap uit in 2026 een vergadering van de Partijen te beleggen om de voortgang van de implementatie van de Verklaring te evalueren alsmede de passende maatregelen die genomen moeten worden. 5. De Partijen bij deze Verklaring plegen tijdig, en ten minste twee jaar voor het verstrijken van de geldigheidsduur van deze Verklaring, onderling overleg over de voorwaarden voor de vervanging ervan. 6. De Partijen bij deze Verklaring komen, op verzoek van ten minste vier van hen, bijeen om de bepalingen van deze Verklaring en de implementatie ervan te toetsen. In het kader van deze toetsingen kan de Directeur-Generaal van het Agentschap of enige Partij de Partijen bij deze Verklaring voorstellen doen tot aanpassing van de inhoud van deze Verklaring. Wijzigingen van de bepalingen van deze Verklaring worden aangenomen na de eenparige aanvaarding ervan door de Partijen bij deze Verklaring. 7. De bepalingen van deze Verklaring hebben slechts tot doel de relatie tussen de Partijen erbij te regelen; de overeenkomsten die een Partij bij deze Verklaring mogelijk met derden is aangegaan vóór de inwerkingtreding van deze Verklaring als voorzien in het bovenstaande artikel V.1, worden er niet door aangetast of gewijzigd; de bepalingen worden niet aangetast of gewijzigd door de overeenkomsten die een Partij bij deze Verklaring mogelijk met derden is aangegaan na de inwerkingtreding van deze Verklaring.

Rechtspraak bij dit artikel