Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK I

Artikel 6

Geheimhouding en beperking van gebruik

Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Verenigde Arabische Emiraten inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2023

1. De aangezochte Partij garandeert de geheimhouding van de feiten en de inhoud van het verzoek, behalve voor zover bekendmaking nodig is voor de uitvoering van het verzoek. Indien de aangezochte Partij niet kan voldoen aan het vereiste van geheimhouding, stelt zij de verzoekende Partij daarvan op de hoogte. Indien zij op de juiste wijze in kennis is gesteld, kan de verzoekende Partij besluiten het verzoek te handhaven of in te trekken. 2. Elke Partij neemt de maatregelen die noodzakelijk zijn om te waarborgen dat een entiteit waarvan de medewerking nodig is voor de uitvoering van een verzoek, de informatie die ingevolge dit Verdrag naar de verzoekende Partij is gezonden of het feit dat er een onderzoek wordt uitgevoerd, niet aan een ander bekendmaakt. 3. De verzoekende Partij gebruikt de ingevolge dit Verdrag verkregen informatie of bewijsmateriaal voor het onderzoek, de vervolging en de berechting waarop het verzoek betrekking heeft en in overeenstemming met de voorwaarden die in een bepaald geval zijn gesteld het gebruik van deze informatie of materialen. De verzoekende Partij gebruikt geen informatie of bewijsmateriaal voor doelen anders dan vermeld in het verzoek zonder voorafgaande toestemming van de aangezochte Partij.

Rechtspraak bij dit artikel