Naar hoofdinhoud
1. Indien een van de partijen van mening is dat de andere partij een uit deze overeenkomst voortvloeiende verplichting niet is nagekomen, kan zij passende vrijwaringsmaatregelen nemen. De werkingssfeer en de duur van deze vrijwaringsmaatregelen worden beperkt tot hetgeen strikt noodzakelijk is om het probleem te verhelpen of om het evenwicht in het kader van deze overeenkomst te herstellen. Voorrang wordt gegeven aan maatregelen die de werking van deze overeenkomst zo weinig mogelijk verstoren. 2. Als een partij overweegt om vrijwaringsmaatregelen te nemen, stelt zij de andere partijen daarvan in kennis via het gemengd comité en verstrekt zij alle relevante informatie. 3. De partijen plegen onmiddellijk overleg in het gemengd comité teneinde een voor elke partij aanvaardbare oplossing te vinden. 4. Onverminderd artikel 4, lid 1, punt c), en artikel 5, lid 1, punt c), mag de betrokken partij geen vrijwaringsmaatregelen nemen binnen één maand na de datum van kennisgeving overeenkomstig lid 2 van dit artikel, tenzij de in lid 3 voorgeschreven overlegprocedure vóór het verstrijken van de gestelde termijn is beëindigd. 5. De betrokken partij stelt het gemengd comité onverwijld in kennis van de getroffen maatregelen en verstrekt alle relevante inlichtingen. 6. De overeenkomstig dit artikel genomen maatregelen worden stopgezet zodra de in gebreke blijvende partij voldoet aan de bepalingen van deze overeenkomst.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel