**1.** Een federale staat kan zich het recht voorbehouden de verplichtingen ingevolge dit protocol aan te gaan voor zover deze in overeenstemming zijn met zijn fundamentele beginselen die ten grondslag liggen aan de betrekkingen tussen zijn centrale regering en de constituerende staten of andere vergelijkbare territoriale entiteiten, mits:
het protocol van toepassing is op de centrale regering van de federale staat;
een dergelijk voorbehoud geen afbreuk doet aan de verplichtingen om de door andere partijen gevraagde samenwerking aan te gaan overeenkomstig de bepalingen van hoofdstuk II; en
de bepalingen van artikel 13 van toepassing zijn op de constituerende staten of andere vergelijkbare territoriale entiteiten van de federale staat.
**2.** Een andere partij kan autoriteiten, serviceproviders of entiteiten op haar grondgebied beletten medewerking te verlenen naar aanleiding van een rechtstreeks verzoek of bevel van een constituerende staat of andere vergelijkbare territoriale entiteit van een federale staat die een voorbehoud heeft gemaakt als bedoeld in lid 1, tenzij die federale staat de secretaris- generaal van de Raad van Europa ervan in kennis stelt dat een constituerende staat of andere vergelijkbare territoriale entiteit de verplichtingen van dit protocol die op die federale staat van toepassing zijn, toepast. De secretaris-generaal van de Raad van Europa stelt een register op van dergelijke kennisgevingen en houdt dit bij.
**3.** Een andere partij belet autoriteiten, serviceproviders of entiteiten op haar grondgebied niet om op grond van een voorbehoud uit hoofde van lid 1 medewerking te verlenen aan een constituerende staat of andere vergelijkbare territoriale entiteit, indien via de centrale overheid een bevel of verzoek is ingediend of een overeenkomst inzake een gemeenschappelijk onderzoeksteam overeenkomstig artikel 12 is gesloten met medewerking van de centrale regering. In dergelijke situaties voorziet de centrale regering in de vervulling van de toepasselijke verplichtingen van het protocol, op voorwaarde dat met betrekking tot de bescherming van persoonsgegevens die aan de constituerende staten of vergelijkbare territoriale entiteiten worden verstrekt, slechts de voorwaarden van artikel 14, lid 9, of in voorkomend geval de voorwaarden van een overeenkomst of regeling als omschreven in artikel 14, lid l, punt b) of c), van toepassing zijn.
**4.** Ten aanzien van de bepalingen van dit protocol waarvan de toepassing onder de rechtsbevoegdheid valt van elk van de constituerende staten of andere vergelijkbare territoriale entiteiten die, ingevolge het constitutionele stelsel van de federatie, niet verplicht zijn wetgevende maatregelen te nemen, brengt de centrale regering de bevoegde autoriteiten van deze staten op de hoogte van de genoemde bepalingen, vergezeld van een gunstig advies, hen aanmoedigende om passende maatregelen te nemen ter effectuering hiervan.
HOOFDSTUK IV
Artikel 17
– Federale clausule
Onderdeel van Tweede aanvullend protocol bij het Verdrag inzake de bestrijding van strafbare feiten verbonden met elektronische netwerken, inzake nauwere samenwerking en verstrekking van elektronisch bewijsmateriaal· Strafrecht